Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level B1 · Irregular

Vervangen conjugation

vervangen = to replace

Infinitive
vervangen
Past
verving · vervingen
Perfect
heeft vervangen

Quick answer

Vervangen means to replace. Past tense: verving (singular) and vervingen (plural). Past participle: vervangen, with hebben: ik heb vervangen.

Practise vervangen

Present (tegenwoordige tijd)

ikvervang
jijvervangt
hij/zij/hetvervangt
wijvervangen
jullievervangen
zijvervangen

Past (verleden tijd)

ikverving
jijverving
hij/zij/hetverving
wijvervingen
jullievervingen
zijvervingen

Perfect (voltooide tijd)

ikheb vervangen
jijhebt vervangen
hij/zij/hetheeft vervangen
wijhebben vervangen
julliehebben vervangen
zijhebben vervangen

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikhad vervangen
jijhad vervangen
hij/zij/hethad vervangen
wijhadden vervangen
julliehadden vervangen
zijhadden vervangen

Future (toekomende tijd)

ikzal vervangen
jijzult vervangen
hij/zij/hetzal vervangen
wijzullen vervangen
julliezullen vervangen
zijzullen vervangen

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou vervangen
jijzou vervangen
hij/zij/hetzou vervangen
wijzouden vervangen
julliezouden vervangen
zijzouden vervangen

Practise vervangen

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Irregular verb: the past tense and participle do not follow the regular -te/-de pattern, so learn the three forms together: vervangen, verving, vervangen.
  • Verbs that start with be-, ge-, her-, ont-, ver- or er- get no extra ge- in the participle: vervangen.
  • When jij comes after the verb, the -t drops: jij vervangt, but vervang jij?

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of vervangen?

verving (ik, jij, hij/zij/het) and vervingen (wij, jullie, zij).

What is the past participle of vervangen?

vervangen, with hebben: ik heb vervangen.

Is vervangen used with hebben or zijn?

With hebben: ik heb vervangen, hij heeft vervangen.

More verbs

All verbsDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.