Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Regelmatig

Vervoeging van Lichten

lichten = to lift, to empty

Hele werkwoord
lichten
Verleden tijd
lichtte · lichtten
Voltooide tijd
heeft gelicht

Kort antwoord

Lichten is in het Engels to lift, to empty. Verleden tijd: lichtte (enkelvoud) en lichtten (meervoud). Voltooid deelwoord: gelicht, met hebben: ik heb gelicht.

Oefen lichten

Tegenwoordige tijd

iklicht
jijlicht
hij/zij/hetlicht
wijlichten
jullielichten
zijlichten

Verleden tijd

iklichtte
jijlichtte
hij/zij/hetlichtte
wijlichtten
jullielichtten
zijlichtten

Voltooide tijd

ikheb gelicht
jijhebt gelicht
hij/zij/hetheeft gelicht
wijhebben gelicht
julliehebben gelicht
zijhebben gelicht

Voltooid verleden tijd

ikhad gelicht
jijhad gelicht
hij/zij/hethad gelicht
wijhadden gelicht
julliehadden gelicht
zijhadden gelicht

Toekomende tijd

ikzal lichten
jijzult lichten
hij/zij/hetzal lichten
wijzullen lichten
julliezullen lichten
zijzullen lichten

Voorwaardelijke wijs

ikzou lichten
jijzou lichten
hij/zij/hetzou lichten
wijzouden lichten
julliezouden lichten
zijzouden lichten

Oefen lichten

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

lichten in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    De postbode elke dag om vijf uur de brievenbus.

  2. Verleden tijd

    Vorige week de gemeente alle vuilnisbakken in de straat.

  3. Voltooide tijd

    Mijn buurman vanochtend de brievenbus .

  4. Tegenwoordige tijd

    Wij de containers elke vrijdag, als het droog is.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is licht. In lichten staat t voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (lichtte, lichtten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gelicht).

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van lichten?

lichtte (ik, jij, hij/zij/het) en lichtten (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van lichten?

gelicht, met hebben: ik heb gelicht.

Gebruik je lichten met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gelicht, hij heeft gelicht.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.