Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Mengen

mengen = to mix

Hele werkwoord
mengen
Verleden tijd
mengde · mengden
Voltooide tijd
heeft gemengd

Kort antwoord

Mengen is in het Engels to mix. Verleden tijd: mengde (enkelvoud) en mengden (meervoud). Voltooid deelwoord: gemengd, met hebben: ik heb gemengd.

Oefen mengen

Tegenwoordige tijd

ikmeng
jijmengt
hij/zij/hetmengt
wijmengen
julliemengen
zijmengen

Verleden tijd

ikmengde
jijmengde
hij/zij/hetmengde
wijmengden
julliemengden
zijmengden

Voltooide tijd

ikheb gemengd
jijhebt gemengd
hij/zij/hetheeft gemengd
wijhebben gemengd
julliehebben gemengd
zijhebben gemengd

Voltooid verleden tijd

ikhad gemengd
jijhad gemengd
hij/zij/hethad gemengd
wijhadden gemengd
julliehadden gemengd
zijhadden gemengd

Toekomende tijd

ikzal mengen
jijzult mengen
hij/zij/hetzal mengen
wijzullen mengen
julliezullen mengen
zijzullen mengen

Voorwaardelijke wijs

ikzou mengen
jijzou mengen
hij/zij/hetzou mengen
wijzouden mengen
julliezouden mengen
zijzouden mengen

Oefen mengen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

mengen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik de verf en de olie in een kleine kom.

  2. Verleden tijd

    Gisteren mijn zus de ingrediënten voor de taart.

  3. Voltooide tijd

    Wij de kleuren op het palet .

  4. Bijzin

    Het water wordt troebel omdat jij te veel poeder .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is meng. In mengen staat g voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (mengde, mengden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gemengd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij mengt, maar meng jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van mengen?

mengde (ik, jij, hij/zij/het) en mengden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van mengen?

gemengd, met hebben: ik heb gemengd.

Gebruik je mengen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gemengd, hij heeft gemengd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.