Niveau B2 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Opsteken
opsteken = to learn
- Hele werkwoord
- opsteken
- Verleden tijd
- stak op · staken op
- Voltooide tijd
- heeft opgestoken
Kort antwoord
Opsteken is in het Engels to learn. Verleden tijd: stak op (enkelvoud) en staken op (meervoud). Voltooid deelwoord: opgestoken, met hebben: ik heb opgestoken.
Oefen opstekenTegenwoordige tijd
| ik | steek op |
| jij | steekt op |
| hij/zij/het | steekt op |
| wij | steken op |
| jullie | steken op |
| zij | steken op |
Verleden tijd
| ik | stak op |
| jij | stak op |
| hij/zij/het | stak op |
| wij | staken op |
| jullie | staken op |
| zij | staken op |
Voltooide tijd
| ik | heb opgestoken |
| jij | hebt opgestoken |
| hij/zij/het | heeft opgestoken |
| wij | hebben opgestoken |
| jullie | hebben opgestoken |
| zij | hebben opgestoken |
Voltooid verleden tijd
| ik | had opgestoken |
| jij | had opgestoken |
| hij/zij/het | had opgestoken |
| wij | hadden opgestoken |
| jullie | hadden opgestoken |
| zij | hadden opgestoken |
Toekomende tijd
| ik | zal opsteken |
| jij | zult opsteken |
| hij/zij/het | zal opsteken |
| wij | zullen opsteken |
| jullie | zullen opsteken |
| zij | zullen opsteken |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou opsteken |
| jij | zou opsteken |
| hij/zij/het | zou opsteken |
| wij | zouden opsteken |
| jullie | zouden opsteken |
| zij | zouden opsteken |
Opsteken is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik steek op). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik opsteek). Voltooid deelwoord: opgestoken.
| Hoofdzin | ik steek op |
| Vraag | steek jij op? |
| Bijzin | … dat ik opsteek |
| Met een modaal werkwoord | ik wil opsteken |
| Voltooide tijd | ik heb opgestoken |
| Met om ... te | om op te steken |
| Gebiedende wijs | steek op! |
Oefen opsteken
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
opsteken in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: opsteken, stak op, opgestoken.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat op naar het eind: ik steek op. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik opsteek, ... dat ik opstak.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: opgestoken.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van opsteken?
stak op (ik, jij, hij/zij/het) en staken op (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van opsteken?
opgestoken, met hebben: ik heb opgestoken.
Gebruik je opsteken met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb opgestoken, hij heeft opgestoken.
Is opsteken een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik steek op), in een bijzin blijft het vast (dat ik opsteek). Voltooid deelwoord: opgestoken.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.