Niveau B2 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Optrekken
optrekken = to pull up, rise
- Hele werkwoord
- optrekken
- Verleden tijd
- trok op · trokken op
- Voltooide tijd
- heeft / is opgetrokken
Kort antwoord
Optrekken is in het Engels to pull up, rise. Verleden tijd: trok op (enkelvoud) en trokken op (meervoud). Voltooid deelwoord: opgetrokken, met hebben / zijn: ik heb / ben opgetrokken.
Oefen optrekkenTegenwoordige tijd
| ik | trek op |
| jij | trekt op |
| hij/zij/het | trekt op |
| wij | trekken op |
| jullie | trekken op |
| zij | trekken op |
Verleden tijd
| ik | trok op |
| jij | trok op |
| hij/zij/het | trok op |
| wij | trokken op |
| jullie | trokken op |
| zij | trokken op |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben opgetrokken |
| jij | hebt / bent opgetrokken |
| hij/zij/het | heeft / is opgetrokken |
| wij | hebben / zijn opgetrokken |
| jullie | hebben / zijn opgetrokken |
| zij | hebben / zijn opgetrokken |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was opgetrokken |
| jij | had / was opgetrokken |
| hij/zij/het | had / was opgetrokken |
| wij | hadden / waren opgetrokken |
| jullie | hadden / waren opgetrokken |
| zij | hadden / waren opgetrokken |
Toekomende tijd
| ik | zal optrekken |
| jij | zult optrekken |
| hij/zij/het | zal optrekken |
| wij | zullen optrekken |
| jullie | zullen optrekken |
| zij | zullen optrekken |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou optrekken |
| jij | zou optrekken |
| hij/zij/het | zou optrekken |
| wij | zouden optrekken |
| jullie | zouden optrekken |
| zij | zouden optrekken |
Optrekken is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik trek op). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik optrek). Voltooid deelwoord: opgetrokken.
| Hoofdzin | ik trek op |
| Vraag | trek jij op? |
| Bijzin | … dat ik optrek |
| Met een modaal werkwoord | ik wil optrekken |
| Voltooide tijd | ik heb / ben opgetrokken |
| Met om ... te | om op te trekken |
| Gebiedende wijs | trek op! |
Oefen optrekken
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
optrekken in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: optrekken, trok op, opgetrokken.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat op naar het eind: ik trek op. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik optrek, ... dat ik optrok.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: opgetrokken.
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Hij heeft zijn broek opgetrokken. De mist is opgetrokken.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van optrekken?
trok op (ik, jij, hij/zij/het) en trokken op (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van optrekken?
opgetrokken, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Hij heeft zijn broek opgetrokken. De mist is opgetrokken.
Gebruik je optrekken met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: Hij heeft zijn broek opgetrokken. De mist is opgetrokken.
Is optrekken een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik trek op), in een bijzin blijft het vast (dat ik optrek). Voltooid deelwoord: opgetrokken.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.