Niveau B1 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Opvallen
opvallen = to stand out, to notice
- Hele werkwoord
- opvallen
- Verleden tijd
- viel op · vielen op
- Voltooide tijd
- is opgevallen
Kort antwoord
Opvallen is in het Engels to stand out, to notice. Verleden tijd: viel op (enkelvoud) en vielen op (meervoud). Voltooid deelwoord: opgevallen, met zijn: ik ben opgevallen.
Oefen opvallenTegenwoordige tijd
| ik | val op |
| jij | valt op |
| hij/zij/het | valt op |
| wij | vallen op |
| jullie | vallen op |
| zij | vallen op |
Verleden tijd
| ik | viel op |
| jij | viel op |
| hij/zij/het | viel op |
| wij | vielen op |
| jullie | vielen op |
| zij | vielen op |
Voltooide tijd
| ik | ben opgevallen |
| jij | bent opgevallen |
| hij/zij/het | is opgevallen |
| wij | zijn opgevallen |
| jullie | zijn opgevallen |
| zij | zijn opgevallen |
Voltooid verleden tijd
| ik | was opgevallen |
| jij | was opgevallen |
| hij/zij/het | was opgevallen |
| wij | waren opgevallen |
| jullie | waren opgevallen |
| zij | waren opgevallen |
Toekomende tijd
| ik | zal opvallen |
| jij | zult opvallen |
| hij/zij/het | zal opvallen |
| wij | zullen opvallen |
| jullie | zullen opvallen |
| zij | zullen opvallen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou opvallen |
| jij | zou opvallen |
| hij/zij/het | zou opvallen |
| wij | zouden opvallen |
| jullie | zouden opvallen |
| zij | zouden opvallen |
Opvallen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik val op). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik opval). Voltooid deelwoord: opgevallen.
| Hoofdzin | ik val op |
| Vraag | val jij op? |
| Bijzin | … dat ik opval |
| Met een modaal werkwoord | ik wil opvallen |
| Voltooide tijd | ik ben opgevallen |
| Met om ... te | om op te vallen |
| Gebiedende wijs | val op! |
Oefen opvallen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
opvallen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: opvallen, viel op, opgevallen.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat op naar het eind: ik val op. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik opval, ... dat ik opviel.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: opgevallen.
- Voltooide tijd met zijn: ik ben opgevallen, niet ik heb opgevallen.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van opvallen?
viel op (ik, jij, hij/zij/het) en vielen op (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van opvallen?
opgevallen, met zijn: ik ben opgevallen.
Gebruik je opvallen met hebben of zijn?
Met zijn: ik ben opgevallen, hij is opgevallen.
Is opvallen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik val op), in een bijzin blijft het vast (dat ik opval). Voltooid deelwoord: opgevallen.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.