Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau A2 · Regelmatig

Vervoeging van Plukken

plukken = to pick, to pluck

Hele werkwoord
plukken
Verleden tijd
plukte · plukten
Voltooide tijd
heeft geplukt

Kort antwoord

Plukken is in het Engels to pick, to pluck. Verleden tijd: plukte (enkelvoud) en plukten (meervoud). Voltooid deelwoord: geplukt, met hebben: ik heb geplukt.

Oefen plukken

Tegenwoordige tijd

ikpluk
jijplukt
hij/zij/hetplukt
wijplukken
jullieplukken
zijplukken

Verleden tijd

ikplukte
jijplukte
hij/zij/hetplukte
wijplukten
jullieplukten
zijplukten

Voltooide tijd

ikheb geplukt
jijhebt geplukt
hij/zij/hetheeft geplukt
wijhebben geplukt
julliehebben geplukt
zijhebben geplukt

Voltooid verleden tijd

ikhad geplukt
jijhad geplukt
hij/zij/hethad geplukt
wijhadden geplukt
julliehadden geplukt
zijhadden geplukt

Toekomende tijd

ikzal plukken
jijzult plukken
hij/zij/hetzal plukken
wijzullen plukken
julliezullen plukken
zijzullen plukken

Voorwaardelijke wijs

ikzou plukken
jijzou plukken
hij/zij/hetzou plukken
wijzouden plukken
julliezouden plukken
zijzouden plukken

Oefen plukken

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

plukken in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Wij in de zomer appels in de tuin.

  2. Verleden tijd

    Mijn oma vroeger altijd bloemen voor de keukentafel.

  3. Voltooide tijd

    Jij vanmorgen een mooie bos tulpen .

  4. Bijzin

    Het kind lacht terwijl hij aardbeien .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is pluk. In plukken staat k voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (plukte, plukten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (geplukt).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij plukt, maar pluk jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van plukken?

plukte (ik, jij, hij/zij/het) en plukten (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van plukken?

geplukt, met hebben: ik heb geplukt.

Gebruik je plukken met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geplukt, hij heeft geplukt.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.