Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Onregelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Rondlopen

rondlopen = to walk around

Hele werkwoord
rondlopen
Verleden tijd
liep rond · liepen rond
Voltooide tijd
heeft rondgelopen

Kort antwoord

Rondlopen is in het Engels to walk around. Verleden tijd: liep rond (enkelvoud) en liepen rond (meervoud). Voltooid deelwoord: rondgelopen, met hebben: ik heb rondgelopen.

Oefen rondlopen

Tegenwoordige tijd

ikloop rond
jijloopt rond
hij/zij/hetloopt rond
wijlopen rond
jullielopen rond
zijlopen rond

Verleden tijd

ikliep rond
jijliep rond
hij/zij/hetliep rond
wijliepen rond
jullieliepen rond
zijliepen rond

Voltooide tijd

ikheb rondgelopen
jijhebt rondgelopen
hij/zij/hetheeft rondgelopen
wijhebben rondgelopen
julliehebben rondgelopen
zijhebben rondgelopen

Voltooid verleden tijd

ikhad rondgelopen
jijhad rondgelopen
hij/zij/hethad rondgelopen
wijhadden rondgelopen
julliehadden rondgelopen
zijhadden rondgelopen

Toekomende tijd

ikzal rondlopen
jijzult rondlopen
hij/zij/hetzal rondlopen
wijzullen rondlopen
julliezullen rondlopen
zijzullen rondlopen

Voorwaardelijke wijs

ikzou rondlopen
jijzou rondlopen
hij/zij/hetzou rondlopen
wijzouden rondlopen
julliezouden rondlopen
zijzouden rondlopen

Rondlopen is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat rond naar het einde (ik loop rond). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik rondloop). Voltooid deelwoord: rondgelopen.

Hoofdzinik loop rond
Vraagloop jij rond?
Bijzin… dat ik rondloop
Met een modaal werkwoordik wil rondlopen
Voltooide tijdik heb rondgelopen
Met om ... teom rond te lopen
Gebiedende wijsloop rond!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen rondlopen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

rondlopen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Jullie de hele dag in de stad .

  2. Verleden tijd

    Ik gisteren een uur in het park .

  3. Tegenwoordige tijd

    Hij vaak met een grote hond in het bos .

Zo werkt dit werkwoord

  • Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: rondlopen, liep rond, rondgelopen.
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat rond naar het eind: ik loop rond. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik rondloop, ... dat ik rondliep.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: rondgelopen.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van rondlopen?

liep rond (ik, jij, hij/zij/het) en liepen rond (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van rondlopen?

rondgelopen, met hebben: ik heb rondgelopen.

Gebruik je rondlopen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb rondgelopen, hij heeft rondgelopen.

Is rondlopen een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat rond naar het einde (ik loop rond), in een bijzin blijft het vast (dat ik rondloop). Voltooid deelwoord: rondgelopen.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.