Niveau B1 · Regelmatig
Vervoeging van Scheuren
scheuren = to tear, speed
- Hele werkwoord
- scheuren
- Verleden tijd
- scheurde · scheurden
- Voltooide tijd
- heeft / is gescheurd
Kort antwoord
Scheuren is in het Engels to tear, speed. Verleden tijd: scheurde (enkelvoud) en scheurden (meervoud). Voltooid deelwoord: gescheurd, met hebben / zijn: ik heb / ben gescheurd.
Oefen scheurenTegenwoordige tijd
| ik | scheur |
| jij | scheurt |
| hij/zij/het | scheurt |
| wij | scheuren |
| jullie | scheuren |
| zij | scheuren |
Verleden tijd
| ik | scheurde |
| jij | scheurde |
| hij/zij/het | scheurde |
| wij | scheurden |
| jullie | scheurden |
| zij | scheurden |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben gescheurd |
| jij | hebt / bent gescheurd |
| hij/zij/het | heeft / is gescheurd |
| wij | hebben / zijn gescheurd |
| jullie | hebben / zijn gescheurd |
| zij | hebben / zijn gescheurd |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was gescheurd |
| jij | had / was gescheurd |
| hij/zij/het | had / was gescheurd |
| wij | hadden / waren gescheurd |
| jullie | hadden / waren gescheurd |
| zij | hadden / waren gescheurd |
Toekomende tijd
| ik | zal scheuren |
| jij | zult scheuren |
| hij/zij/het | zal scheuren |
| wij | zullen scheuren |
| jullie | zullen scheuren |
| zij | zullen scheuren |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou scheuren |
| jij | zou scheuren |
| hij/zij/het | zou scheuren |
| wij | zouden scheuren |
| jullie | zouden scheuren |
| zij | zouden scheuren |
Oefen scheuren
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
scheuren in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is scheur. In scheuren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (scheurde, scheurden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gescheurd).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij scheurt, maar scheur jij?
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Ik heb mijn broek gescheurd. Mijn broek is gescheurd.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van scheuren?
scheurde (ik, jij, hij/zij/het) en scheurden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van scheuren?
gescheurd, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Ik heb mijn broek gescheurd. Mijn broek is gescheurd.
Gebruik je scheuren met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: Ik heb mijn broek gescheurd. Mijn broek is gescheurd.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.