Niveau A2 · Regelmatig
Vervoeging van Schoppen
schoppen = to kick
- Hele werkwoord
- schoppen
- Verleden tijd
- schopte · schopten
- Voltooide tijd
- heeft geschopt
Kort antwoord
Schoppen is in het Engels to kick. Verleden tijd: schopte (enkelvoud) en schopten (meervoud). Voltooid deelwoord: geschopt, met hebben: ik heb geschopt.
Oefen schoppenTegenwoordige tijd
| ik | schop |
| jij | schopt |
| hij/zij/het | schopt |
| wij | schoppen |
| jullie | schoppen |
| zij | schoppen |
Verleden tijd
| ik | schopte |
| jij | schopte |
| hij/zij/het | schopte |
| wij | schopten |
| jullie | schopten |
| zij | schopten |
Voltooide tijd
| ik | heb geschopt |
| jij | hebt geschopt |
| hij/zij/het | heeft geschopt |
| wij | hebben geschopt |
| jullie | hebben geschopt |
| zij | hebben geschopt |
Voltooid verleden tijd
| ik | had geschopt |
| jij | had geschopt |
| hij/zij/het | had geschopt |
| wij | hadden geschopt |
| jullie | hadden geschopt |
| zij | hadden geschopt |
Toekomende tijd
| ik | zal schoppen |
| jij | zult schoppen |
| hij/zij/het | zal schoppen |
| wij | zullen schoppen |
| jullie | zullen schoppen |
| zij | zullen schoppen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou schoppen |
| jij | zou schoppen |
| hij/zij/het | zou schoppen |
| wij | zouden schoppen |
| jullie | zouden schoppen |
| zij | zouden schoppen |
Oefen schoppen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
schoppen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is schop. In schoppen staat p voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (schopte, schopten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (geschopt).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij schopt, maar schop jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van schoppen?
schopte (ik, jij, hij/zij/het) en schopten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van schoppen?
geschopt, met hebben: ik heb geschopt.
Gebruik je schoppen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb geschopt, hij heeft geschopt.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.