Niveau B1 · Regelmatig
Vervoeging van Slepen
slepen = to drag, tow
- Hele werkwoord
- slepen
- Verleden tijd
- sleepte · sleepten
- Voltooide tijd
- heeft gesleept
Kort antwoord
Slepen is in het Engels to drag, tow. Verleden tijd: sleepte (enkelvoud) en sleepten (meervoud). Voltooid deelwoord: gesleept, met hebben: ik heb gesleept.
Oefen slepenTegenwoordige tijd
| ik | sleep |
| jij | sleept |
| hij/zij/het | sleept |
| wij | slepen |
| jullie | slepen |
| zij | slepen |
Verleden tijd
| ik | sleepte |
| jij | sleepte |
| hij/zij/het | sleepte |
| wij | sleepten |
| jullie | sleepten |
| zij | sleepten |
Voltooide tijd
| ik | heb gesleept |
| jij | hebt gesleept |
| hij/zij/het | heeft gesleept |
| wij | hebben gesleept |
| jullie | hebben gesleept |
| zij | hebben gesleept |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gesleept |
| jij | had gesleept |
| hij/zij/het | had gesleept |
| wij | hadden gesleept |
| jullie | hadden gesleept |
| zij | hadden gesleept |
Toekomende tijd
| ik | zal slepen |
| jij | zult slepen |
| hij/zij/het | zal slepen |
| wij | zullen slepen |
| jullie | zullen slepen |
| zij | zullen slepen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou slepen |
| jij | zou slepen |
| hij/zij/het | zou slepen |
| wij | zouden slepen |
| jullie | zouden slepen |
| zij | zouden slepen |
Oefen slepen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
slepen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is sleep. In slepen staat p voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (sleepte, sleepten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gesleept).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij sleept, maar sleep jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van slepen?
sleepte (ik, jij, hij/zij/het) en sleepten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van slepen?
gesleept, met hebben: ik heb gesleept.
Gebruik je slepen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gesleept, hij heeft gesleept.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.