Niveau B1 · Regelmatig
Vervoeging van Slingeren
slingeren = to sway or swerve
- Hele werkwoord
- slingeren
- Verleden tijd
- slingerde · slingerden
- Voltooide tijd
- heeft / is geslingerd
Kort antwoord
Slingeren is in het Engels to sway or swerve. Verleden tijd: slingerde (enkelvoud) en slingerden (meervoud). Voltooid deelwoord: geslingerd, met hebben / zijn: ik heb / ben geslingerd.
Oefen slingerenTegenwoordige tijd
| ik | slinger |
| jij | slingert |
| hij/zij/het | slingert |
| wij | slingeren |
| jullie | slingeren |
| zij | slingeren |
Verleden tijd
| ik | slingerde |
| jij | slingerde |
| hij/zij/het | slingerde |
| wij | slingerden |
| jullie | slingerden |
| zij | slingerden |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben geslingerd |
| jij | hebt / bent geslingerd |
| hij/zij/het | heeft / is geslingerd |
| wij | hebben / zijn geslingerd |
| jullie | hebben / zijn geslingerd |
| zij | hebben / zijn geslingerd |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was geslingerd |
| jij | had / was geslingerd |
| hij/zij/het | had / was geslingerd |
| wij | hadden / waren geslingerd |
| jullie | hadden / waren geslingerd |
| zij | hadden / waren geslingerd |
Toekomende tijd
| ik | zal slingeren |
| jij | zult slingeren |
| hij/zij/het | zal slingeren |
| wij | zullen slingeren |
| jullie | zullen slingeren |
| zij | zullen slingeren |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou slingeren |
| jij | zou slingeren |
| hij/zij/het | zou slingeren |
| wij | zouden slingeren |
| jullie | zouden slingeren |
| zij | zouden slingeren |
Oefen slingeren
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
slingeren in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is slinger. In slingeren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (slingerde, slingerden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geslingerd).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij slingert, maar slinger jij?
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Hij heeft zijn tas in de hoek geslingerd. De dronken man is over straat geslingerd.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van slingeren?
slingerde (ik, jij, hij/zij/het) en slingerden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van slingeren?
geslingerd, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Hij heeft zijn tas in de hoek geslingerd. De dronken man is over straat geslingerd.
Gebruik je slingeren met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: Hij heeft zijn tas in de hoek geslingerd. De dronken man is over straat geslingerd.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.