Niveau B1 · Regelmatig
Vervoeging van Stampen
stampen = to stomp
- Hele werkwoord
- stampen
- Verleden tijd
- stampte · stampten
- Voltooide tijd
- heeft gestampt
Kort antwoord
Stampen is in het Engels to stomp. Verleden tijd: stampte (enkelvoud) en stampten (meervoud). Voltooid deelwoord: gestampt, met hebben: ik heb gestampt.
Oefen stampenTegenwoordige tijd
| ik | stamp |
| jij | stampt |
| hij/zij/het | stampt |
| wij | stampen |
| jullie | stampen |
| zij | stampen |
Verleden tijd
| ik | stampte |
| jij | stampte |
| hij/zij/het | stampte |
| wij | stampten |
| jullie | stampten |
| zij | stampten |
Voltooide tijd
| ik | heb gestampt |
| jij | hebt gestampt |
| hij/zij/het | heeft gestampt |
| wij | hebben gestampt |
| jullie | hebben gestampt |
| zij | hebben gestampt |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gestampt |
| jij | had gestampt |
| hij/zij/het | had gestampt |
| wij | hadden gestampt |
| jullie | hadden gestampt |
| zij | hadden gestampt |
Toekomende tijd
| ik | zal stampen |
| jij | zult stampen |
| hij/zij/het | zal stampen |
| wij | zullen stampen |
| jullie | zullen stampen |
| zij | zullen stampen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou stampen |
| jij | zou stampen |
| hij/zij/het | zou stampen |
| wij | zouden stampen |
| jullie | zouden stampen |
| zij | zouden stampen |
Oefen stampen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
stampen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is stamp. In stampen staat p voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (stampte, stampten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gestampt).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij stampt, maar stamp jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van stampen?
stampte (ik, jij, hij/zij/het) en stampten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van stampen?
gestampt, met hebben: ik heb gestampt.
Gebruik je stampen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gestampt, hij heeft gestampt.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.