Niveau B1 · Regelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Uitdagen
uitdagen = to challenge
- Hele werkwoord
- uitdagen
- Verleden tijd
- daagde uit · daagden uit
- Voltooide tijd
- heeft uitgedaagd
Kort antwoord
Uitdagen is in het Engels to challenge. Verleden tijd: daagde uit (enkelvoud) en daagden uit (meervoud). Voltooid deelwoord: uitgedaagd, met hebben: ik heb uitgedaagd.
Oefen uitdagenTegenwoordige tijd
| ik | daag uit |
| jij | daagt uit |
| hij/zij/het | daagt uit |
| wij | dagen uit |
| jullie | dagen uit |
| zij | dagen uit |
Verleden tijd
| ik | daagde uit |
| jij | daagde uit |
| hij/zij/het | daagde uit |
| wij | daagden uit |
| jullie | daagden uit |
| zij | daagden uit |
Voltooide tijd
| ik | heb uitgedaagd |
| jij | hebt uitgedaagd |
| hij/zij/het | heeft uitgedaagd |
| wij | hebben uitgedaagd |
| jullie | hebben uitgedaagd |
| zij | hebben uitgedaagd |
Voltooid verleden tijd
| ik | had uitgedaagd |
| jij | had uitgedaagd |
| hij/zij/het | had uitgedaagd |
| wij | hadden uitgedaagd |
| jullie | hadden uitgedaagd |
| zij | hadden uitgedaagd |
Toekomende tijd
| ik | zal uitdagen |
| jij | zult uitdagen |
| hij/zij/het | zal uitdagen |
| wij | zullen uitdagen |
| jullie | zullen uitdagen |
| zij | zullen uitdagen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou uitdagen |
| jij | zou uitdagen |
| hij/zij/het | zou uitdagen |
| wij | zouden uitdagen |
| jullie | zouden uitdagen |
| zij | zouden uitdagen |
Uitdagen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik daag uit). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik uitdaag). Voltooid deelwoord: uitgedaagd.
| Hoofdzin | ik daag uit |
| Vraag | daag jij uit? |
| Bijzin | … dat ik uitdaag |
| Met een modaal werkwoord | ik wil uitdagen |
| Voltooide tijd | ik heb uitgedaagd |
| Met om ... te | om uit te dagen |
| Gebiedende wijs | daag uit! |
Oefen uitdagen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
uitdagen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is daag. In dagen staat g voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (daagde, daagden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (uitgedaagd).
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat uit naar het eind: ik daag uit. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik uitdaag, ... dat ik uitdaagde.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: uitgedaagd.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van uitdagen?
daagde uit (ik, jij, hij/zij/het) en daagden uit (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van uitdagen?
uitgedaagd, met hebben: ik heb uitgedaagd.
Gebruik je uitdagen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb uitgedaagd, hij heeft uitgedaagd.
Is uitdagen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik daag uit), in een bijzin blijft het vast (dat ik uitdaag). Voltooid deelwoord: uitgedaagd.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.