Niveau B2 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Uitstoten
uitstoten = to emit
- Hele werkwoord
- uitstoten
- Verleden tijd
- stootte uit · stootten uit
- Voltooide tijd
- heeft uitgestoten
Kort antwoord
Uitstoten is in het Engels to emit. Verleden tijd: stootte uit (enkelvoud) en stootten uit (meervoud). Voltooid deelwoord: uitgestoten, met hebben: ik heb uitgestoten.
Oefen uitstotenTegenwoordige tijd
| ik | stoot uit |
| jij | stoot uit |
| hij/zij/het | stoot uit |
| wij | stoten uit |
| jullie | stoten uit |
| zij | stoten uit |
Verleden tijd
| ik | stootte uit |
| jij | stootte uit |
| hij/zij/het | stootte uit |
| wij | stootten uit |
| jullie | stootten uit |
| zij | stootten uit |
Voltooide tijd
| ik | heb uitgestoten |
| jij | hebt uitgestoten |
| hij/zij/het | heeft uitgestoten |
| wij | hebben uitgestoten |
| jullie | hebben uitgestoten |
| zij | hebben uitgestoten |
Voltooid verleden tijd
| ik | had uitgestoten |
| jij | had uitgestoten |
| hij/zij/het | had uitgestoten |
| wij | hadden uitgestoten |
| jullie | hadden uitgestoten |
| zij | hadden uitgestoten |
Toekomende tijd
| ik | zal uitstoten |
| jij | zult uitstoten |
| hij/zij/het | zal uitstoten |
| wij | zullen uitstoten |
| jullie | zullen uitstoten |
| zij | zullen uitstoten |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou uitstoten |
| jij | zou uitstoten |
| hij/zij/het | zou uitstoten |
| wij | zouden uitstoten |
| jullie | zouden uitstoten |
| zij | zouden uitstoten |
Uitstoten is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik stoot uit). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik uitstoot). Voltooid deelwoord: uitgestoten.
| Hoofdzin | ik stoot uit |
| Vraag | stoot jij uit? |
| Bijzin | … dat ik uitstoot |
| Met een modaal werkwoord | ik wil uitstoten |
| Voltooide tijd | ik heb uitgestoten |
| Met om ... te | om uit te stoten |
| Gebiedende wijs | stoot uit! |
Oefen uitstoten
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
uitstoten in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: uitstoten, stootte uit, uitgestoten.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat uit naar het eind: ik stoot uit. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik uitstoot, ... dat ik uitstootte.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: uitgestoten.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van uitstoten?
stootte uit (ik, jij, hij/zij/het) en stootten uit (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van uitstoten?
uitgestoten, met hebben: ik heb uitgestoten.
Gebruik je uitstoten met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb uitgestoten, hij heeft uitgestoten.
Is uitstoten een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik stoot uit), in een bijzin blijft het vast (dat ik uitstoot). Voltooid deelwoord: uitgestoten.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.