Niveau B1 · Regelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Vastzetten
vastzetten = to fasten
- Hele werkwoord
- vastzetten
- Verleden tijd
- zette vast · zetten vast
- Voltooide tijd
- heeft vastgezet
Kort antwoord
Vastzetten is in het Engels to fasten. Verleden tijd: zette vast (enkelvoud) en zetten vast (meervoud). Voltooid deelwoord: vastgezet, met hebben: ik heb vastgezet.
Oefen vastzettenTegenwoordige tijd
| ik | zet vast |
| jij | zet vast |
| hij/zij/het | zet vast |
| wij | zetten vast |
| jullie | zetten vast |
| zij | zetten vast |
Verleden tijd
| ik | zette vast |
| jij | zette vast |
| hij/zij/het | zette vast |
| wij | zetten vast |
| jullie | zetten vast |
| zij | zetten vast |
Voltooide tijd
| ik | heb vastgezet |
| jij | hebt vastgezet |
| hij/zij/het | heeft vastgezet |
| wij | hebben vastgezet |
| jullie | hebben vastgezet |
| zij | hebben vastgezet |
Voltooid verleden tijd
| ik | had vastgezet |
| jij | had vastgezet |
| hij/zij/het | had vastgezet |
| wij | hadden vastgezet |
| jullie | hadden vastgezet |
| zij | hadden vastgezet |
Toekomende tijd
| ik | zal vastzetten |
| jij | zult vastzetten |
| hij/zij/het | zal vastzetten |
| wij | zullen vastzetten |
| jullie | zullen vastzetten |
| zij | zullen vastzetten |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou vastzetten |
| jij | zou vastzetten |
| hij/zij/het | zou vastzetten |
| wij | zouden vastzetten |
| jullie | zouden vastzetten |
| zij | zouden vastzetten |
Vastzetten is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat vast naar het einde (ik zet vast). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik vastzet). Voltooid deelwoord: vastgezet.
| Hoofdzin | ik zet vast |
| Vraag | zet jij vast? |
| Bijzin | … dat ik vastzet |
| Met een modaal werkwoord | ik wil vastzetten |
| Voltooide tijd | ik heb vastgezet |
| Met om ... te | om vast te zetten |
| Gebiedende wijs | zet vast! |
Oefen vastzetten
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
vastzetten in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is zet. In zetten staat t voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (zette, zetten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (vastgezet).
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat vast naar het eind: ik zet vast. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik vastzet, ... dat ik vastzette.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: vastgezet.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van vastzetten?
zette vast (ik, jij, hij/zij/het) en zetten vast (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van vastzetten?
vastgezet, met hebben: ik heb vastgezet.
Gebruik je vastzetten met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb vastgezet, hij heeft vastgezet.
Is vastzetten een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat vast naar het einde (ik zet vast), in een bijzin blijft het vast (dat ik vastzet). Voltooid deelwoord: vastgezet.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.