Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Voeden

voeden = to feed

Hele werkwoord
voeden
Verleden tijd
voedde · voedden
Voltooide tijd
heeft gevoed

Kort antwoord

Voeden is in het Engels to feed. Verleden tijd: voedde (enkelvoud) en voedden (meervoud). Voltooid deelwoord: gevoed, met hebben: ik heb gevoed.

Oefen voeden

Tegenwoordige tijd

ikvoed
jijvoedt
hij/zij/hetvoedt
wijvoeden
jullievoeden
zijvoeden

Verleden tijd

ikvoedde
jijvoedde
hij/zij/hetvoedde
wijvoedden
jullievoedden
zijvoedden

Voltooide tijd

ikheb gevoed
jijhebt gevoed
hij/zij/hetheeft gevoed
wijhebben gevoed
julliehebben gevoed
zijhebben gevoed

Voltooid verleden tijd

ikhad gevoed
jijhad gevoed
hij/zij/hethad gevoed
wijhadden gevoed
julliehadden gevoed
zijhadden gevoed

Toekomende tijd

ikzal voeden
jijzult voeden
hij/zij/hetzal voeden
wijzullen voeden
julliezullen voeden
zijzullen voeden

Voorwaardelijke wijs

ikzou voeden
jijzou voeden
hij/zij/hetzou voeden
wijzouden voeden
julliezouden voeden
zijzouden voeden

Oefen voeden

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

voeden in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik elke ochtend de kat.

  2. Verleden tijd

    Mijn oma vroeger de kippen in de tuin.

  3. Voltooide tijd

    Wij de vogels in het park .

  4. Bijzin

    Hij blijft thuis omdat hij de baby .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is voed. In voeden staat d voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (voedde, voedden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gevoed).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij voedt, maar voed jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van voeden?

voedde (ik, jij, hij/zij/het) en voedden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van voeden?

gevoed, met hebben: ik heb gevoed.

Gebruik je voeden met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gevoed, hij heeft gevoed.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.