Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau A2 · Regelmatig

Vervoeging van Vullen

vullen = to fill

Hele werkwoord
vullen
Verleden tijd
vulde · vulden
Voltooide tijd
heeft gevuld

Kort antwoord

Vullen is in het Engels to fill. Verleden tijd: vulde (enkelvoud) en vulden (meervoud). Voltooid deelwoord: gevuld, met hebben: ik heb gevuld.

Oefen vullen

Tegenwoordige tijd

ikvul
jijvult
hij/zij/hetvult
wijvullen
jullievullen
zijvullen

Verleden tijd

ikvulde
jijvulde
hij/zij/hetvulde
wijvulden
jullievulden
zijvulden

Voltooide tijd

ikheb gevuld
jijhebt gevuld
hij/zij/hetheeft gevuld
wijhebben gevuld
julliehebben gevuld
zijhebben gevuld

Voltooid verleden tijd

ikhad gevuld
jijhad gevuld
hij/zij/hethad gevuld
wijhadden gevuld
julliehadden gevuld
zijhadden gevuld

Toekomende tijd

ikzal vullen
jijzult vullen
hij/zij/hetzal vullen
wijzullen vullen
julliezullen vullen
zijzullen vullen

Voorwaardelijke wijs

ikzou vullen
jijzou vullen
hij/zij/hetzou vullen
wijzouden vullen
julliezouden vullen
zijzouden vullen

Oefen vullen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

vullen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik elke ochtend mijn fles met water.

  2. Verleden tijd

    De kinderen de emmer met zand.

  3. Voltooide tijd

    Hij de koelkast vanmiddag met boodschappen .

  4. Bijzin

    Het duurt lang als jij het bad met een klein kopje .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is vul. In vullen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (vulde, vulden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gevuld).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij vult, maar vul jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van vullen?

vulde (ik, jij, hij/zij/het) en vulden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van vullen?

gevuld, met hebben: ik heb gevuld.

Gebruik je vullen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gevuld, hij heeft gevuld.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.