Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau A2 · Onregelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Weggaan

weggaan = to leave or go away

Hele werkwoord
weggaan
Verleden tijd
ging weg · gingen weg
Voltooide tijd
is weggegaan

Kort antwoord

Weggaan is in het Engels to leave or go away. Verleden tijd: ging weg (enkelvoud) en gingen weg (meervoud). Voltooid deelwoord: weggegaan, met zijn: ik ben weggegaan.

Oefen weggaan

Tegenwoordige tijd

ikga weg
jijgaat weg
hij/zij/hetgaat weg
wijgaan weg
julliegaan weg
zijgaan weg

Verleden tijd

ikging weg
jijging weg
hij/zij/hetging weg
wijgingen weg
julliegingen weg
zijgingen weg

Voltooide tijd

ikben weggegaan
jijbent weggegaan
hij/zij/hetis weggegaan
wijzijn weggegaan
julliezijn weggegaan
zijzijn weggegaan

Voltooid verleden tijd

ikwas weggegaan
jijwas weggegaan
hij/zij/hetwas weggegaan
wijwaren weggegaan
julliewaren weggegaan
zijwaren weggegaan

Toekomende tijd

ikzal weggaan
jijzult weggaan
hij/zij/hetzal weggaan
wijzullen weggaan
julliezullen weggaan
zijzullen weggaan

Voorwaardelijke wijs

ikzou weggaan
jijzou weggaan
hij/zij/hetzou weggaan
wijzouden weggaan
julliezouden weggaan
zijzouden weggaan

Weggaan is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat weg naar het einde (ik ga weg). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik wegga). Voltooid deelwoord: weggegaan.

Hoofdzinik ga weg
Vraagga jij weg?
Bijzin… dat ik wegga
Met een modaal werkwoordik wil weggaan
Voltooide tijdik ben weggegaan
Met om ... teom weg te gaan
Gebiedende wijsga weg!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen weggaan

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

weggaan in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik morgen om zeven uur .

  2. Verleden tijd

    Gisteren hij al vroeg van het feest .

  3. Voltooide tijd

    De gasten net .

  4. Tegenwoordige tijd

    Waarom jij nu al ?

Zo werkt dit werkwoord

  • Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: weggaan, ging weg, weggegaan.
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat weg naar het eind: ik ga weg. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik wegga, ... dat ik wegging.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: weggegaan.
  • Voltooide tijd met zijn: ik ben weggegaan, niet ik heb weggegaan.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van weggaan?

ging weg (ik, jij, hij/zij/het) en gingen weg (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van weggaan?

weggegaan, met zijn: ik ben weggegaan.

Gebruik je weggaan met hebben of zijn?

Met zijn: ik ben weggegaan, hij is weggegaan.

Is weggaan een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat weg naar het einde (ik ga weg), in een bijzin blijft het vast (dat ik wegga). Voltooid deelwoord: weggegaan.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.