Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Wissen

wissen = to erase

Hele werkwoord
wissen
Verleden tijd
wiste · wisten
Voltooide tijd
heeft gewist

Kort antwoord

Wissen is in het Engels to erase. Verleden tijd: wiste (enkelvoud) en wisten (meervoud). Voltooid deelwoord: gewist, met hebben: ik heb gewist.

Oefen wissen

Tegenwoordige tijd

ikwis
jijwist
hij/zij/hetwist
wijwissen
julliewissen
zijwissen

Verleden tijd

ikwiste
jijwiste
hij/zij/hetwiste
wijwisten
julliewisten
zijwisten

Voltooide tijd

ikheb gewist
jijhebt gewist
hij/zij/hetheeft gewist
wijhebben gewist
julliehebben gewist
zijhebben gewist

Voltooid verleden tijd

ikhad gewist
jijhad gewist
hij/zij/hethad gewist
wijhadden gewist
julliehadden gewist
zijhadden gewist

Toekomende tijd

ikzal wissen
jijzult wissen
hij/zij/hetzal wissen
wijzullen wissen
julliezullen wissen
zijzullen wissen

Voorwaardelijke wijs

ikzou wissen
jijzou wissen
hij/zij/hetzou wissen
wijzouden wissen
julliezouden wissen
zijzouden wissen

Oefen wissen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

wissen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Jij de tekst op het bord.

  2. Verleden tijd

    Hij per ongeluk alle foto's van zijn telefoon.

  3. Voltooide tijd

    De leraar het bord net .

  4. Bijzin

    Ik kan niets lezen omdat jullie alles .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is wis. In wissen staat s voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (wiste, wisten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gewist).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij wist, maar wis jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van wissen?

wiste (ik, jij, hij/zij/het) en wisten (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van wissen?

gewist, met hebben: ik heb gewist.

Gebruik je wissen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gewist, hij heeft gewist.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.