Dutch Fluency
اعرف مستوايالمستوى
تسجيل الدخول

المستوى B1 · منتظم

تصريف Aarzelen

aarzelen = يتردّد

المصدر
aarzelen
الماضي
aarzelde · aarzelden
التام
heeft geaarzeld

إجابة سريعة

Aarzelen يعني يتردّد. الماضي: aarzelde (مفرد) و aarzelden (جمع). اسم المفعول (voltooid deelwoord): geaarzeld، مع hebben: ik heb geaarzeld.

تمرّن على aarzelen

المضارع (tegenwoordige tijd)

ikaarzel
jijaarzelt
hij/zij/hetaarzelt
wijaarzelen
jullieaarzelen
zijaarzelen

الماضي (verleden tijd)

ikaarzelde
jijaarzelde
hij/zij/hetaarzelde
wijaarzelden
jullieaarzelden
zijaarzelden

التام (voltooide tijd)

ikheb geaarzeld
jijhebt geaarzeld
hij/zij/hetheeft geaarzeld
wijhebben geaarzeld
julliehebben geaarzeld
zijhebben geaarzeld

الماضي التام (voltooid verleden tijd)

ikhad geaarzeld
jijhad geaarzeld
hij/zij/hethad geaarzeld
wijhadden geaarzeld
julliehadden geaarzeld
zijhadden geaarzeld

المستقبل (toekomende tijd)

ikzal aarzelen
jijzult aarzelen
hij/zij/hetzal aarzelen
wijzullen aarzelen
julliezullen aarzelen
zijzullen aarzelen

الشرطي (voorwaardelijke wijs)

ikzou aarzelen
jijzou aarzelen
hij/zij/hetzou aarzelen
wijzouden aarzelen
julliezouden aarzelen
zijzouden aarzelen

تمرّن على aarzelen

ست صيغ سريعة. اكتب الإجابة واضغط Enter لترى فورًا إن كانت صحيحة.

1 من 60 ✓

المضارع

ik

aarzelen في جملة

اكتب الصيغة الصحيحة. تخبرك الجملة بمن يقوم بالفعل ومتى، وبعد التحقق ترى معناها.

  1. المضارع

    Hij vaak voordat hij een keuze maakt.

  2. الماضي

    Ik even bij de deur.

  3. التام

    Zij lang voordat ze ja zei.

  4. الماضي

    De kinderen toen ze het koude water zagen.

كيف يعمل هذا الفعل

  • فعل منتظم. الجذع هو aarzel. في المصدر aarzelen يأتي l قبل -en، وهو ليس من أصوات 't kofschip (t, k, f, s, ch, p)، لذلك يأخذ الماضي -de (aarzelde، aarzelden) وينتهي اسم المفعول بـ -d (geaarzeld).
  • عندما يأتي jij بعد الفعل تسقط -t: jij aarzelt، لكن aarzel jij?

أسئلة حول الأفعال الهولندية

ما صيغة الماضي من aarzelen؟

aarzelde (ik، jij، hij/zij/het) و aarzelden (wij، jullie، zij).

ما اسم المفعول (voltooid deelwoord) من aarzelen؟

geaarzeld، مع hebben: ik heb geaarzeld.

هل يُستخدم aarzelen مع hebben أم مع zijn؟

مع hebben: ik heb geaarzeld, hij heeft geaarzeld.

أفعال أخرى

كل الأفعالكل الأفعال من A إلى Zالأفعال المنفصلة: القواعد وأداة التحققأداة de أو het

تريد أن تتوقف عن البحث عن كل كلمة؟

يُظهر اختبار المستوى المجاني مستوى لغتك الهولندية الآن وما تتعلمه بعد ذلك.

الصيغ مُراجَعة مع ويكاموس. الأزمنة المركبة تستخدم صيغ hebben وzijn وzullen وzou الثابتة.