Dutch Fluency
اعرف مستوايالمستوى
تسجيل الدخول

المستوى B1 · منتظم

تصريف Presenteren

presenteren = يقدّم، يعرض

المصدر
presenteren
الماضي
presenteerde · presenteerden
التام
heeft gepresenteerd

إجابة سريعة

Presenteren يعني يقدّم، يعرض. الماضي: presenteerde (مفرد) و presenteerden (جمع). اسم المفعول (voltooid deelwoord): gepresenteerd، مع hebben: ik heb gepresenteerd.

تمرّن على presenteren

المضارع (tegenwoordige tijd)

ikpresenteer
jijpresenteert
hij/zij/hetpresenteert
wijpresenteren
julliepresenteren
zijpresenteren

الماضي (verleden tijd)

ikpresenteerde
jijpresenteerde
hij/zij/hetpresenteerde
wijpresenteerden
julliepresenteerden
zijpresenteerden

التام (voltooide tijd)

ikheb gepresenteerd
jijhebt gepresenteerd
hij/zij/hetheeft gepresenteerd
wijhebben gepresenteerd
julliehebben gepresenteerd
zijhebben gepresenteerd

الماضي التام (voltooid verleden tijd)

ikhad gepresenteerd
jijhad gepresenteerd
hij/zij/hethad gepresenteerd
wijhadden gepresenteerd
julliehadden gepresenteerd
zijhadden gepresenteerd

المستقبل (toekomende tijd)

ikzal presenteren
jijzult presenteren
hij/zij/hetzal presenteren
wijzullen presenteren
julliezullen presenteren
zijzullen presenteren

الشرطي (voorwaardelijke wijs)

ikzou presenteren
jijzou presenteren
hij/zij/hetzou presenteren
wijzouden presenteren
julliezouden presenteren
zijzouden presenteren

تمرّن على presenteren

ست صيغ سريعة. اكتب الإجابة واضغط Enter لترى فورًا إن كانت صحيحة.

1 من 60 ✓

المضارع

ik

presenteren في جملة

اكتب الصيغة الصحيحة. تخبرك الجملة بمن يقوم بالفعل ومتى، وبعد التحقق ترى معناها.

  1. التام

    Zij vanmorgen de nieuwe collectie aan de klanten .

  2. الجملة الفرعية

    Ik ben nerveus, omdat ik morgen mijn werk aan het hele bedrijf .

كيف يعمل هذا الفعل

  • فعل منتظم. الجذع هو presenteer. في المصدر presenteren يأتي r قبل -en، وهو ليس من أصوات 't kofschip (t, k, f, s, ch, p)، لذلك يأخذ الماضي -de (presenteerde، presenteerden) وينتهي اسم المفعول بـ -d (gepresenteerd).
  • عندما يأتي jij بعد الفعل تسقط -t: jij presenteert، لكن presenteer jij?

أسئلة حول الأفعال الهولندية

ما صيغة الماضي من presenteren؟

presenteerde (ik، jij، hij/zij/het) و presenteerden (wij، jullie، zij).

ما اسم المفعول (voltooid deelwoord) من presenteren؟

gepresenteerd، مع hebben: ik heb gepresenteerd.

هل يُستخدم presenteren مع hebben أم مع zijn؟

مع hebben: ik heb gepresenteerd, hij heeft gepresenteerd.

أفعال أخرى

كل الأفعالكل الأفعال من A إلى Zالأفعال المنفصلة: القواعد وأداة التحققأداة de أو het

تريد أن تتوقف عن البحث عن كل كلمة؟

يُظهر اختبار المستوى المجاني مستوى لغتك الهولندية الآن وما تتعلمه بعد ذلك.

الصيغ مُراجَعة مع ويكاموس. الأزمنة المركبة تستخدم صيغ hebben وzijn وzullen وzou الثابتة.