A2+ · Book 5, chapter 8 · the letter K
Koude kloostergangen kwellen krakkemikkige kluizenaars
A free A2+ Dutch short story from De Medeklinkers. Read it out loud, one line at a time.
Kille kloostergangen kwellen krakkemikkige kluizenaars.Klamme kelders koesteren kolossale, koperen kandelaren.Koorzang klinkt klagelijk, kermend, krankzinnig.Knorrige kardinalen kapittelen koppige kapelaans.Kruisbeelden kenmerken kale kapellen.Koude kleumt kerkgangers, koorjongens kermen krampachtig.Klerikale kleding kriebelt, kilt, knelt.
Kale kasseien kastijden knielende knapen kordaat.Krampachtige kaken kauwen korstig kruim, knarsend, krakend.Koortsachtige kwalen kwellen kranige kloosterlingen.Kruisgangen kweken kleingeestige kift.Klerikale kliekjes koesteren kwalijke, kwaadaardige kletspraat.Kruisvaarders keren kapot, kwetsbaar, kansloos, kermend.Kwade kwalen kwellen knokige karkassen.
Koperkleurige kraaien krassen kakofonisch.Kolossale kerkklokken klinken kordaat, kaatsen koperen klanken.Knorrige kruisen kenschetsen katholieke kerkhoven.Knekelhuizen koesteren karkassen, kisten, kakebenen.Kleverige klei kluistert kalkwitte knekels.Kruiperige kevers knagen, krioelen, kruipen.Kwabbige kikkers kwaken klaaglijk.Kromme kastanjebomen knakken, kraken, kantelen.
Kortaangebonden kloosteroversten kraken kwetsbare karakters.Katholieke kluizenaars knielen krampachtig, kruisend, klagend.Kuisheid kluistert kapseizende kerels.Kolossale kathedralen kristalliseren kosmische krachten.Knusse kloostertuinen kweken kruidige kervel, knoflook, kamille.Kwebbelende keukenmeiden koken kleffe kool.
Knetterkoude kerstnachten kwellen koukleumende kapucijners.Kachelvuren knetteren kortstondig, knisperend, kwijnend.Kalkstenen kloostermuren knellen, kluisteren, knevelen.Kwijnende kloosterlingen kermen, klagen, kniezen.Kerkercomplexen kwellen ketters, kruisigen kwaaddoeners.Kuise kluizenaars koesteren krappe, kale kamers.Klerikale kloosterlevens kwijnen, kwakkelen, kantelen.
Glossarium:kapittelen: Streng of vermanend toespreken door een meerdere of een gezagdrager.kasseien: Natuurstenen blokken voor wegverharding.knekels: Beenderen of doodskoppen van overledenen, vaak bewaard in een knekelhuis.kapseizende: Kantelende, omslaande of figuurlijk uit evenwicht rakende personen of zaken.kapucijners: Monniken die behoren tot een afsplitsing van de strenge franciscaanse kloosterorde.
Words in this chapter
The reading app practises these words before you read the story.
- koud
- kijken
- keuren
- knikken
- kleden
- knagen
- kraaien
- kwellen
- krampachtig
- kristallen
- karkassen
- kasseien
- knekels
- kapittelen
- kwanselen
- kolderiek
- kakkineus
- klatergoud
- kenschetsen
- kurassiers
- klaroenen
- kafferen
- kapseizen
- kakofonisch
More stories in this chapter
- Kleurrijke kunstenaars kenschetsen kille kritiek in the reading app
- Krijgshaftige kerels klieven koperen kielen in the reading app