Level B2 · Regular
Druppelen conjugation
druppelen = to drip
- Infinitive
- druppelen
- Past
- druppelde · druppelden
- Perfect
- heeft / is gedruppeld
Quick answer
Druppelen means to drip. Past tense: druppelde (singular) and druppelden (plural). Past participle: gedruppeld, with hebben / zijn: ik heb / ben gedruppeld.
Practise druppelenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | druppel |
| jij | druppelt |
| hij/zij/het | druppelt |
| wij | druppelen |
| jullie | druppelen |
| zij | druppelen |
Past (verleden tijd)
| ik | druppelde |
| jij | druppelde |
| hij/zij/het | druppelde |
| wij | druppelden |
| jullie | druppelden |
| zij | druppelden |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb / ben gedruppeld |
| jij | hebt / bent gedruppeld |
| hij/zij/het | heeft / is gedruppeld |
| wij | hebben / zijn gedruppeld |
| jullie | hebben / zijn gedruppeld |
| zij | hebben / zijn gedruppeld |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had / was gedruppeld |
| jij | had / was gedruppeld |
| hij/zij/het | had / was gedruppeld |
| wij | hadden / waren gedruppeld |
| jullie | hadden / waren gedruppeld |
| zij | hadden / waren gedruppeld |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal druppelen |
| jij | zult druppelen |
| hij/zij/het | zal druppelen |
| wij | zullen druppelen |
| jullie | zullen druppelen |
| zij | zullen druppelen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou druppelen |
| jij | zou druppelen |
| hij/zij/het | zou druppelen |
| wij | zouden druppelen |
| jullie | zouden druppelen |
| zij | zouden druppelen |
Practise druppelen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
Present
How this verb works
- Regular verb. The stem is druppel. The infinitive druppelen has l before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (druppelde, druppelden) and the participle ends in -d (gedruppeld).
- When jij comes after the verb, the -t drops: jij druppelt, but druppel jij?
- Hebben or zijn: hebben for the activity itself, zijn when you say where to or what changed. De kraan heeft de hele nacht gedruppeld. Het water is van het plafond op de vloer gedruppeld.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of druppelen?
druppelde (ik, jij, hij/zij/het) and druppelden (wij, jullie, zij).
What is the past participle of druppelen?
gedruppeld, with hebben or zijn depending on the meaning: De kraan heeft de hele nacht gedruppeld. Het water is van het plafond op de vloer gedruppeld.
Is druppelen used with hebben or zijn?
Both, depending on the meaning: De kraan heeft de hele nacht gedruppeld. Het water is van het plafond op de vloer gedruppeld.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.