Level B1 · Irregular
Glijden conjugation
glijden = to slide
- Infinitive
- glijden
- Past
- gleed · gleden
- Perfect
- is gegleden
Quick answer
Glijden means to slide. Past tense: gleed (singular) and gleden (plural). Past participle: gegleden, with zijn: ik ben gegleden.
Practise glijdenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | glij |
| jij | glijdt |
| hij/zij/het | glijdt |
| wij | glijden |
| jullie | glijden |
| zij | glijden |
Past (verleden tijd)
| ik | gleed |
| jij | gleed |
| hij/zij/het | gleed |
| wij | gleden |
| jullie | gleden |
| zij | gleden |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | ben gegleden |
| jij | bent gegleden |
| hij/zij/het | is gegleden |
| wij | zijn gegleden |
| jullie | zijn gegleden |
| zij | zijn gegleden |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | was gegleden |
| jij | was gegleden |
| hij/zij/het | was gegleden |
| wij | waren gegleden |
| jullie | waren gegleden |
| zij | waren gegleden |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal glijden |
| jij | zult glijden |
| hij/zij/het | zal glijden |
| wij | zullen glijden |
| jullie | zullen glijden |
| zij | zullen glijden |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou glijden |
| jij | zou glijden |
| hij/zij/het | zou glijden |
| wij | zouden glijden |
| jullie | zouden glijden |
| zij | zouden glijden |
Practise glijden
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
1 of 60 ✓
Present
How this verb works
- Irregular verb: the past tense and participle do not follow the regular -te/-de pattern, so learn the three forms together: glijden, gleed, gegleden.
- Perfect tense with zijn: ik ben gegleden, not ik heb gegleden.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of glijden?
gleed (ik, jij, hij/zij/het) and gleden (wij, jullie, zij).
What is the past participle of glijden?
gegleden, with zijn: ik ben gegleden.
Is glijden used with hebben or zijn?
With zijn: ik ben gegleden, hij is gegleden.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.