Level B1 · Irregular, separable
Omrijden conjugation
omrijden = to take a detour
- Infinitive
- omrijden
- Past
- reed om · reden om
- Perfect
- heeft / is omgereden
Quick answer
Omrijden means to take a detour. Past tense: reed om (singular) and reden om (plural). Past participle: omgereden, with hebben / zijn: ik heb / ben omgereden.
Practise omrijdenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | rij om |
| jij | rijdt om |
| hij/zij/het | rijdt om |
| wij | rijden om |
| jullie | rijden om |
| zij | rijden om |
Past (verleden tijd)
| ik | reed om |
| jij | reed om |
| hij/zij/het | reed om |
| wij | reden om |
| jullie | reden om |
| zij | reden om |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb / ben omgereden |
| jij | hebt / bent omgereden |
| hij/zij/het | heeft / is omgereden |
| wij | hebben / zijn omgereden |
| jullie | hebben / zijn omgereden |
| zij | hebben / zijn omgereden |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had / was omgereden |
| jij | had / was omgereden |
| hij/zij/het | had / was omgereden |
| wij | hadden / waren omgereden |
| jullie | hadden / waren omgereden |
| zij | hadden / waren omgereden |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal omrijden |
| jij | zult omrijden |
| hij/zij/het | zal omrijden |
| wij | zullen omrijden |
| jullie | zullen omrijden |
| zij | zullen omrijden |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou omrijden |
| jij | zou omrijden |
| hij/zij/het | zou omrijden |
| wij | zouden omrijden |
| jullie | zouden omrijden |
| zij | zouden omrijden |
Omrijden is a separable verb
In a main clause om goes to the end (ik rij om). In a subordinate clause the two parts stay together (dat ik omrij). Participle: omgereden.
| Main clause | ik rij om |
| Question | rij jij om? |
| Subordinate clause | … dat ik omrij |
| With a modal verb | ik wil omrijden |
| Perfect tense | ik heb / ben omgereden |
| With om ... te | om om te rijden |
| Imperative | rij om! |
Practise omrijden
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
Present
How this verb works
- Irregular verb: the past tense and participle do not follow the regular -te/-de pattern, so learn the three forms together: omrijden, reed om, omgereden.
- Separable verb. In a main clause the prefix om goes to the end: ik rij om. In a subordinate clause it stays attached: ... dat ik omrij, ... dat ik omreed.
- In the participle, ge goes between the two parts: omgereden.
- Hebben or zijn: hebben for the activity itself, zijn when you say where to or what changed. We hebben een heel eind omgereden vanwege de wegafsluiting. Door de file zijn we flink omgereden.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of omrijden?
reed om (ik, jij, hij/zij/het) and reden om (wij, jullie, zij).
What is the past participle of omrijden?
omgereden, with hebben or zijn depending on the meaning: We hebben een heel eind omgereden vanwege de wegafsluiting. Door de file zijn we flink omgereden.
Is omrijden used with hebben or zijn?
Both, depending on the meaning: We hebben een heel eind omgereden vanwege de wegafsluiting. Door de file zijn we flink omgereden.
Is omrijden a separable verb?
Yes. In a main clause om goes to the end (ik rij om), in a subordinate clause it stays attached (dat ik omrij). Participle: omgereden.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.