Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B2 · Regular

Conjugación de Benadrukken

benadrukken = enfatizar

Infinitivo
benadrukken
Pasado
benadrukte · benadrukten
Perfecto
heeft benadrukt

Respuesta rápida

Benadrukken significa enfatizar. Pasado: benadrukte (singular) y benadrukten (plural). Participio: benadrukt, con hebben: ik heb benadrukt.

Practica benadrukken

Presente (tegenwoordige tijd)

ikbenadruk
jijbenadrukt
hij/zij/hetbenadrukt
wijbenadrukken
julliebenadrukken
zijbenadrukken

Pasado (verleden tijd)

ikbenadrukte
jijbenadrukte
hij/zij/hetbenadrukte
wijbenadrukten
julliebenadrukten
zijbenadrukten

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb benadrukt
jijhebt benadrukt
hij/zij/hetheeft benadrukt
wijhebben benadrukt
julliehebben benadrukt
zijhebben benadrukt

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad benadrukt
jijhad benadrukt
hij/zij/hethad benadrukt
wijhadden benadrukt
julliehadden benadrukt
zijhadden benadrukt

Futuro (toekomende tijd)

ikzal benadrukken
jijzult benadrukken
hij/zij/hetzal benadrukken
wijzullen benadrukken
julliezullen benadrukken
zijzullen benadrukken

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou benadrukken
jijzou benadrukken
hij/zij/hetzou benadrukken
wijzouden benadrukken
julliezouden benadrukken
zijzouden benadrukken

Practica benadrukken

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

benadrukken en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    De leraar dat je elke dag moet oefenen.

  2. Pasado

    De directeur het belang van veiligheid.

  3. Oración subordinada

    Ik zeg het nog eens, omdat ik dit graag .

  4. Pasado

    Tijdens de vergadering wij allemaal onze mening.

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es benadruk. En el infinitivo benadrukken hay una k antes de -en, uno de los sonidos de 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -te (benadrukte, benadrukten) y el participio termina en -t (benadrukt).
  • Los verbos que empiezan por be-, ge-, her-, ont-, ver- o er- no llevan un ge- extra en el participio: benadrukt.
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij benadrukt, pero benadruk jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de benadrukken?

benadrukte (ik, jij, hij/zij/het) y benadrukten (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de benadrukken?

benadrukt, con hebben: ik heb benadrukt.

¿El verbo benadrukken va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb benadrukt, hij heeft benadrukt.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.