Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B1 · Regular

Conjugación de Beveiligen

beveiligen = proteger

Infinitivo
beveiligen
Pasado
beveiligde · beveiligden
Perfecto
heeft beveiligd

Respuesta rápida

Beveiligen significa proteger. Pasado: beveiligde (singular) y beveiligden (plural). Participio: beveiligd, con hebben: ik heb beveiligd.

Practica beveiligen

Presente (tegenwoordige tijd)

ikbeveilig
jijbeveiligt
hij/zij/hetbeveiligt
wijbeveiligen
julliebeveiligen
zijbeveiligen

Pasado (verleden tijd)

ikbeveiligde
jijbeveiligde
hij/zij/hetbeveiligde
wijbeveiligden
julliebeveiligden
zijbeveiligden

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb beveiligd
jijhebt beveiligd
hij/zij/hetheeft beveiligd
wijhebben beveiligd
julliehebben beveiligd
zijhebben beveiligd

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad beveiligd
jijhad beveiligd
hij/zij/hethad beveiligd
wijhadden beveiligd
julliehadden beveiligd
zijhadden beveiligd

Futuro (toekomende tijd)

ikzal beveiligen
jijzult beveiligen
hij/zij/hetzal beveiligen
wijzullen beveiligen
julliezullen beveiligen
zijzullen beveiligen

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou beveiligen
jijzou beveiligen
hij/zij/hetzou beveiligen
wijzouden beveiligen
julliezouden beveiligen
zijzouden beveiligen

Practica beveiligen

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

beveiligen en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Ik mijn computer met een sterk wachtwoord.

  2. Pasado

    De bewakers gisteren het hele gebouw.

  3. Oración subordinada

    Hij kocht een alarm omdat hij zijn huis beter wilde .

  4. Presente

    Jij je fiets altijd met twee sloten.

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es beveilig. En el infinitivo beveiligen hay una g antes de -en, que no está en 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -de (beveiligde, beveiligden) y el participio termina en -d (beveiligd).
  • Los verbos que empiezan por be-, ge-, her-, ont-, ver- o er- no llevan un ge- extra en el participio: beveiligd.
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij beveiligt, pero beveilig jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de beveiligen?

beveiligde (ik, jij, hij/zij/het) y beveiligden (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de beveiligen?

beveiligd, con hebben: ik heb beveiligd.

¿El verbo beveiligen va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb beveiligd, hij heeft beveiligd.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.