Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B1 · Regular, separable

Conjugación de Vastpakken

vastpakken = agarrar

Infinitivo
vastpakken
Pasado
pakte vast · pakten vast
Perfecto
heeft vastgepakt

Respuesta rápida

Vastpakken significa agarrar. Pasado: pakte vast (singular) y pakten vast (plural). Participio: vastgepakt, con hebben: ik heb vastgepakt.

Practica vastpakken

Presente (tegenwoordige tijd)

ikpak vast
jijpakt vast
hij/zij/hetpakt vast
wijpakken vast
julliepakken vast
zijpakken vast

Pasado (verleden tijd)

ikpakte vast
jijpakte vast
hij/zij/hetpakte vast
wijpakten vast
julliepakten vast
zijpakten vast

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb vastgepakt
jijhebt vastgepakt
hij/zij/hetheeft vastgepakt
wijhebben vastgepakt
julliehebben vastgepakt
zijhebben vastgepakt

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad vastgepakt
jijhad vastgepakt
hij/zij/hethad vastgepakt
wijhadden vastgepakt
julliehadden vastgepakt
zijhadden vastgepakt

Futuro (toekomende tijd)

ikzal vastpakken
jijzult vastpakken
hij/zij/hetzal vastpakken
wijzullen vastpakken
julliezullen vastpakken
zijzullen vastpakken

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou vastpakken
jijzou vastpakken
hij/zij/hetzou vastpakken
wijzouden vastpakken
julliezouden vastpakken
zijzouden vastpakken

Vastpakken es un verbo separable

En una oración principal vast va al final (ik pak vast). En una subordinada las dos partes permanecen juntas (dat ik vastpak). Participio: vastgepakt.

Oración principalik pak vast
Preguntapak jij vast?
Oración subordinada… dat ik vastpak
Con un verbo modalik wil vastpakken
Pretérito perfectoik heb vastgepakt
Con om ... teom vast te pakken
Imperativopak vast!

Verbos separables: reglas y comprobador

Practica vastpakken

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

vastpakken en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    De vader de hand van zijn zoontje bij het oversteken.

  2. Pasado

    Zij de reling stevig toen de boot schommelde.

  3. Pretérito perfecto

    Ik de tas van de dief .

  4. Oración subordinada

    Het kind huilt omdat de hond zijn speelgoed .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es pak. En el infinitivo pakken hay una k antes de -en, uno de los sonidos de 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -te (pakte, pakten) y el participio termina en -t (vastgepakt).
  • Verbo separable. En una oración principal el prefijo vast va al final: ik pak vast. En una subordinada se queda unido: ... dat ik vastpak, ... dat ik vastpakte.
  • En el participio, ge va entre las dos partes: vastgepakt.

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de vastpakken?

pakte vast (ik, jij, hij/zij/het) y pakten vast (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de vastpakken?

vastgepakt, con hebben: ik heb vastgepakt.

¿El verbo vastpakken va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb vastgepakt, hij heeft vastgepakt.

¿Es vastpakken un verbo separable?

Sí. En una oración principal vast va al final (ik pak vast), en una subordinada permanece unido (dat ik vastpak). Participio: vastgepakt.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.