Niveau B2 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Aanlopen
aanlopen = to run into, to drop by
- Hele werkwoord
- aanlopen
- Verleden tijd
- liep aan · liepen aan
- Voltooide tijd
- is aangelopen
Kort antwoord
Aanlopen is in het Engels to run into, to drop by. Verleden tijd: liep aan (enkelvoud) en liepen aan (meervoud). Voltooid deelwoord: aangelopen, met zijn: ik ben aangelopen.
Oefen aanlopenTegenwoordige tijd
| ik | loop aan |
| jij | loopt aan |
| hij/zij/het | loopt aan |
| wij | lopen aan |
| jullie | lopen aan |
| zij | lopen aan |
Verleden tijd
| ik | liep aan |
| jij | liep aan |
| hij/zij/het | liep aan |
| wij | liepen aan |
| jullie | liepen aan |
| zij | liepen aan |
Voltooide tijd
| ik | ben aangelopen |
| jij | bent aangelopen |
| hij/zij/het | is aangelopen |
| wij | zijn aangelopen |
| jullie | zijn aangelopen |
| zij | zijn aangelopen |
Voltooid verleden tijd
| ik | was aangelopen |
| jij | was aangelopen |
| hij/zij/het | was aangelopen |
| wij | waren aangelopen |
| jullie | waren aangelopen |
| zij | waren aangelopen |
Toekomende tijd
| ik | zal aanlopen |
| jij | zult aanlopen |
| hij/zij/het | zal aanlopen |
| wij | zullen aanlopen |
| jullie | zullen aanlopen |
| zij | zullen aanlopen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou aanlopen |
| jij | zou aanlopen |
| hij/zij/het | zou aanlopen |
| wij | zouden aanlopen |
| jullie | zouden aanlopen |
| zij | zouden aanlopen |
Aanlopen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat aan naar het einde (ik loop aan). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik aanloop). Voltooid deelwoord: aangelopen.
| Hoofdzin | ik loop aan |
| Vraag | loop jij aan? |
| Bijzin | … dat ik aanloop |
| Met een modaal werkwoord | ik wil aanlopen |
| Voltooide tijd | ik ben aangelopen |
| Met om ... te | om aan te lopen |
| Gebiedende wijs | loop aan! |
Oefen aanlopen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
aanlopen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: aanlopen, liep aan, aangelopen.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat aan naar het eind: ik loop aan. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik aanloop, ... dat ik aanliep.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: aangelopen.
- Voltooide tijd met zijn: ik ben aangelopen, niet ik heb aangelopen.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van aanlopen?
liep aan (ik, jij, hij/zij/het) en liepen aan (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van aanlopen?
aangelopen, met zijn: ik ben aangelopen.
Gebruik je aanlopen met hebben of zijn?
Met zijn: ik ben aangelopen, hij is aangelopen.
Is aanlopen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat aan naar het einde (ik loop aan), in een bijzin blijft het vast (dat ik aanloop). Voltooid deelwoord: aangelopen.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.