Niveau A2 · Regelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Kaartspelen
kaartspelen = to play cards
- Hele werkwoord
- kaartspelen
- Verleden tijd
- speelde kaart · speelden kaart
- Voltooide tijd
- heeft kaartgespeeld
Kort antwoord
Kaartspelen is in het Engels to play cards. Verleden tijd: speelde kaart (enkelvoud) en speelden kaart (meervoud). Voltooid deelwoord: kaartgespeeld, met hebben: ik heb kaartgespeeld.
Oefen kaartspelenTegenwoordige tijd
| ik | speel kaart |
| jij | speelt kaart |
| hij/zij/het | speelt kaart |
| wij | spelen kaart |
| jullie | spelen kaart |
| zij | spelen kaart |
Verleden tijd
| ik | speelde kaart |
| jij | speelde kaart |
| hij/zij/het | speelde kaart |
| wij | speelden kaart |
| jullie | speelden kaart |
| zij | speelden kaart |
Voltooide tijd
| ik | heb kaartgespeeld |
| jij | hebt kaartgespeeld |
| hij/zij/het | heeft kaartgespeeld |
| wij | hebben kaartgespeeld |
| jullie | hebben kaartgespeeld |
| zij | hebben kaartgespeeld |
Voltooid verleden tijd
| ik | had kaartgespeeld |
| jij | had kaartgespeeld |
| hij/zij/het | had kaartgespeeld |
| wij | hadden kaartgespeeld |
| jullie | hadden kaartgespeeld |
| zij | hadden kaartgespeeld |
Toekomende tijd
| ik | zal kaartspelen |
| jij | zult kaartspelen |
| hij/zij/het | zal kaartspelen |
| wij | zullen kaartspelen |
| jullie | zullen kaartspelen |
| zij | zullen kaartspelen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou kaartspelen |
| jij | zou kaartspelen |
| hij/zij/het | zou kaartspelen |
| wij | zouden kaartspelen |
| jullie | zouden kaartspelen |
| zij | zouden kaartspelen |
Kaartspelen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat kaart naar het einde (ik speel kaart). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik kaartspeel). Voltooid deelwoord: kaartgespeeld.
| Hoofdzin | ik speel kaart |
| Vraag | speel jij kaart? |
| Bijzin | … dat ik kaartspeel |
| Met een modaal werkwoord | ik wil kaartspelen |
| Voltooide tijd | ik heb kaartgespeeld |
| Met om ... te | om kaart te spelen |
| Gebiedende wijs | speel kaart! |
Oefen kaartspelen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
kaartspelen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is speel. In spelen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (speelde, speelden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (kaartgespeeld).
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat kaart naar het eind: ik speel kaart. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik kaartspeel, ... dat ik kaartspeelde.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: kaartgespeeld.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van kaartspelen?
speelde kaart (ik, jij, hij/zij/het) en speelden kaart (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van kaartspelen?
kaartgespeeld, met hebben: ik heb kaartgespeeld.
Gebruik je kaartspelen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb kaartgespeeld, hij heeft kaartgespeeld.
Is kaartspelen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat kaart naar het einde (ik speel kaart), in een bijzin blijft het vast (dat ik kaartspeel). Voltooid deelwoord: kaartgespeeld.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.