Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Regelmatig

Vervoeging van Kantelen

kantelen = to tip over

Hele werkwoord
kantelen
Verleden tijd
kantelde · kantelden
Voltooide tijd
heeft / is gekanteld

Kort antwoord

Kantelen is in het Engels to tip over. Verleden tijd: kantelde (enkelvoud) en kantelden (meervoud). Voltooid deelwoord: gekanteld, met hebben / zijn: ik heb / ben gekanteld.

Oefen kantelen

Tegenwoordige tijd

ikkantel
jijkantelt
hij/zij/hetkantelt
wijkantelen
julliekantelen
zijkantelen

Verleden tijd

ikkantelde
jijkantelde
hij/zij/hetkantelde
wijkantelden
julliekantelden
zijkantelden

Voltooide tijd

ikheb / ben gekanteld
jijhebt / bent gekanteld
hij/zij/hetheeft / is gekanteld
wijhebben / zijn gekanteld
julliehebben / zijn gekanteld
zijhebben / zijn gekanteld

Voltooid verleden tijd

ikhad / was gekanteld
jijhad / was gekanteld
hij/zij/hethad / was gekanteld
wijhadden / waren gekanteld
julliehadden / waren gekanteld
zijhadden / waren gekanteld

Toekomende tijd

ikzal kantelen
jijzult kantelen
hij/zij/hetzal kantelen
wijzullen kantelen
julliezullen kantelen
zijzullen kantelen

Voorwaardelijke wijs

ikzou kantelen
jijzou kantelen
hij/zij/hetzou kantelen
wijzouden kantelen
julliezouden kantelen
zijzouden kantelen

Oefen kantelen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

kantelen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Pas op, de kar als je te veel erop legt.

  2. Verleden tijd

    Hij de emmer om het water weg te gieten.

  3. Voltooide tijd

    De vrachtwagen in de bocht .

  4. Bijzin

    Ik schrok, toen de boot opeens .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is kantel. In kantelen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (kantelde, kantelden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gekanteld).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij kantelt, maar kantel jij?
  • Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Hij heeft de kar gekanteld om hem te legen. De vrachtwagen is in de bocht gekanteld.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van kantelen?

kantelde (ik, jij, hij/zij/het) en kantelden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van kantelen?

gekanteld, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Hij heeft de kar gekanteld om hem te legen. De vrachtwagen is in de bocht gekanteld.

Gebruik je kantelen met hebben of zijn?

Allebei, afhankelijk van de betekenis: Hij heeft de kar gekanteld om hem te legen. De vrachtwagen is in de bocht gekanteld.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.