Level B2 · Regular
Kantelen conjugation
kantelen = to tip over
- Infinitive
- kantelen
- Past
- kantelde · kantelden
- Perfect
- heeft / is gekanteld
Quick answer
Kantelen means to tip over. Past tense: kantelde (singular) and kantelden (plural). Past participle: gekanteld, with hebben / zijn: ik heb / ben gekanteld.
Practise kantelenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | kantel |
| jij | kantelt |
| hij/zij/het | kantelt |
| wij | kantelen |
| jullie | kantelen |
| zij | kantelen |
Past (verleden tijd)
| ik | kantelde |
| jij | kantelde |
| hij/zij/het | kantelde |
| wij | kantelden |
| jullie | kantelden |
| zij | kantelden |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb / ben gekanteld |
| jij | hebt / bent gekanteld |
| hij/zij/het | heeft / is gekanteld |
| wij | hebben / zijn gekanteld |
| jullie | hebben / zijn gekanteld |
| zij | hebben / zijn gekanteld |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had / was gekanteld |
| jij | had / was gekanteld |
| hij/zij/het | had / was gekanteld |
| wij | hadden / waren gekanteld |
| jullie | hadden / waren gekanteld |
| zij | hadden / waren gekanteld |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal kantelen |
| jij | zult kantelen |
| hij/zij/het | zal kantelen |
| wij | zullen kantelen |
| jullie | zullen kantelen |
| zij | zullen kantelen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou kantelen |
| jij | zou kantelen |
| hij/zij/het | zou kantelen |
| wij | zouden kantelen |
| jullie | zouden kantelen |
| zij | zouden kantelen |
Practise kantelen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
Present
How this verb works
- Regular verb. The stem is kantel. The infinitive kantelen has l before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (kantelde, kantelden) and the participle ends in -d (gekanteld).
- When jij comes after the verb, the -t drops: jij kantelt, but kantel jij?
- Hebben or zijn: hebben for the activity itself, zijn when you say where to or what changed. Hij heeft de kar gekanteld om hem te legen. De vrachtwagen is in de bocht gekanteld.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of kantelen?
kantelde (ik, jij, hij/zij/het) and kantelden (wij, jullie, zij).
What is the past participle of kantelen?
gekanteld, with hebben or zijn depending on the meaning: Hij heeft de kar gekanteld om hem te legen. De vrachtwagen is in de bocht gekanteld.
Is kantelen used with hebben or zijn?
Both, depending on the meaning: Hij heeft de kar gekanteld om hem te legen. De vrachtwagen is in de bocht gekanteld.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.