Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau A2 · Regelmatig

Vervoeging van Lunchen

lunchen = to have lunch

Hele werkwoord
lunchen
Verleden tijd
lunchte · lunchten
Voltooide tijd
heeft geluncht

Kort antwoord

Lunchen is in het Engels to have lunch. Verleden tijd: lunchte (enkelvoud) en lunchten (meervoud). Voltooid deelwoord: geluncht, met hebben: ik heb geluncht.

Oefen lunchen

Tegenwoordige tijd

iklunch
jijluncht
hij/zij/hetluncht
wijlunchen
jullielunchen
zijlunchen

Verleden tijd

iklunchte
jijlunchte
hij/zij/hetlunchte
wijlunchten
jullielunchten
zijlunchten

Voltooide tijd

ikheb geluncht
jijhebt geluncht
hij/zij/hetheeft geluncht
wijhebben geluncht
julliehebben geluncht
zijhebben geluncht

Voltooid verleden tijd

ikhad geluncht
jijhad geluncht
hij/zij/hethad geluncht
wijhadden geluncht
julliehadden geluncht
zijhadden geluncht

Toekomende tijd

ikzal lunchen
jijzult lunchen
hij/zij/hetzal lunchen
wijzullen lunchen
julliezullen lunchen
zijzullen lunchen

Voorwaardelijke wijs

ikzou lunchen
jijzou lunchen
hij/zij/hetzou lunchen
wijzouden lunchen
julliezouden lunchen
zijzouden lunchen

Oefen lunchen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

lunchen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik elke dag om twaalf uur met mijn collega's.

  2. Verleden tijd

    Gisteren wij in een klein restaurant bij het station.

  3. Voltooide tijd

    Jij vandaag al heel vroeg .

  4. Bijzin

    Mijn zus belt me altijd als zij op haar werk .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is lunch. In lunchen staat ch voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (lunchte, lunchten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (geluncht).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij luncht, maar lunch jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van lunchen?

lunchte (ik, jij, hij/zij/het) en lunchten (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van lunchen?

geluncht, met hebben: ik heb geluncht.

Gebruik je lunchen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geluncht, hij heeft geluncht.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.