Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Plagen

plagen = to tease, trouble

Hele werkwoord
plagen
Verleden tijd
plaagde · plaagden
Voltooide tijd
heeft geplaagd

Kort antwoord

Plagen is in het Engels to tease, trouble. Verleden tijd: plaagde (enkelvoud) en plaagden (meervoud). Voltooid deelwoord: geplaagd, met hebben: ik heb geplaagd.

Oefen plagen

Tegenwoordige tijd

ikplaag
jijplaagt
hij/zij/hetplaagt
wijplagen
jullieplagen
zijplagen

Verleden tijd

ikplaagde
jijplaagde
hij/zij/hetplaagde
wijplaagden
jullieplaagden
zijplaagden

Voltooide tijd

ikheb geplaagd
jijhebt geplaagd
hij/zij/hetheeft geplaagd
wijhebben geplaagd
julliehebben geplaagd
zijhebben geplaagd

Voltooid verleden tijd

ikhad geplaagd
jijhad geplaagd
hij/zij/hethad geplaagd
wijhadden geplaagd
julliehadden geplaagd
zijhadden geplaagd

Toekomende tijd

ikzal plagen
jijzult plagen
hij/zij/hetzal plagen
wijzullen plagen
julliezullen plagen
zijzullen plagen

Voorwaardelijke wijs

ikzou plagen
jijzou plagen
hij/zij/hetzou plagen
wijzouden plagen
julliezouden plagen
zijzouden plagen

Oefen plagen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

plagen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Mijn grote broer mij altijd met mijn haar.

  2. Verleden tijd

    De kinderen de nieuwe leerling in de pauze.

  3. Voltooide tijd

    Jij je zusje de hele dag .

  4. Bijzin

    Hij lacht altijd als zijn vrienden hem .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is plaag. In plagen staat g voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (plaagde, plaagden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geplaagd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij plaagt, maar plaag jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van plagen?

plaagde (ik, jij, hij/zij/het) en plaagden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van plagen?

geplaagd, met hebben: ik heb geplaagd.

Gebruik je plagen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geplaagd, hij heeft geplaagd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.