Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Redden

redden = to rescue, manage

Hele werkwoord
redden
Verleden tijd
redde · redden
Voltooide tijd
heeft gered

Kort antwoord

Redden is in het Engels to rescue, manage. Verleden tijd: redde (enkelvoud) en redden (meervoud). Voltooid deelwoord: gered, met hebben: ik heb gered.

Oefen redden

Tegenwoordige tijd

ikred
jijredt
hij/zij/hetredt
wijredden
jullieredden
zijredden

Verleden tijd

ikredde
jijredde
hij/zij/hetredde
wijredden
jullieredden
zijredden

Voltooide tijd

ikheb gered
jijhebt gered
hij/zij/hetheeft gered
wijhebben gered
julliehebben gered
zijhebben gered

Voltooid verleden tijd

ikhad gered
jijhad gered
hij/zij/hethad gered
wijhadden gered
julliehadden gered
zijhadden gered

Toekomende tijd

ikzal redden
jijzult redden
hij/zij/hetzal redden
wijzullen redden
julliezullen redden
zijzullen redden

Voorwaardelijke wijs

ikzou redden
jijzou redden
hij/zij/hetzou redden
wijzouden redden
julliezouden redden
zijzouden redden

Oefen redden

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

redden in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    De brandweerman het kind uit het brandende huis.

  2. Verleden tijd

    De hond de man uit het koude water.

  3. Bijzin

    Ik denk dat wij het wel zonder extra hulp.

  4. Tegenwoordige tijd

    Jullie het wel met zo weinig geld.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is red. In redden staat d voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (redde, redden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gered).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij redt, maar red jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van redden?

redde (ik, jij, hij/zij/het) en redden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van redden?

gered, met hebben: ik heb gered.

Gebruik je redden met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gered, hij heeft gered.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.