Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau A2 · Regelmatig

Vervoeging van Schillen

schillen = to peel

Hele werkwoord
schillen
Verleden tijd
schilde · schilden
Voltooide tijd
heeft geschild

Kort antwoord

Schillen is in het Engels to peel. Verleden tijd: schilde (enkelvoud) en schilden (meervoud). Voltooid deelwoord: geschild, met hebben: ik heb geschild.

Oefen schillen

Tegenwoordige tijd

ikschil
jijschilt
hij/zij/hetschilt
wijschillen
jullieschillen
zijschillen

Verleden tijd

ikschilde
jijschilde
hij/zij/hetschilde
wijschilden
jullieschilden
zijschilden

Voltooide tijd

ikheb geschild
jijhebt geschild
hij/zij/hetheeft geschild
wijhebben geschild
julliehebben geschild
zijhebben geschild

Voltooid verleden tijd

ikhad geschild
jijhad geschild
hij/zij/hethad geschild
wijhadden geschild
julliehadden geschild
zijhadden geschild

Toekomende tijd

ikzal schillen
jijzult schillen
hij/zij/hetzal schillen
wijzullen schillen
julliezullen schillen
zijzullen schillen

Voorwaardelijke wijs

ikzou schillen
jijzou schillen
hij/zij/hetzou schillen
wijzouden schillen
julliezouden schillen
zijzouden schillen

Oefen schillen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

schillen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik de appels voor de taart.

  2. Verleden tijd

    Mijn vader gisteren de aardappelen.

  3. Voltooide tijd

    Jij de wortels al .

  4. Bijzin

    Ze huilt omdat ze de uien .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is schil. In schillen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (schilde, schilden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geschild).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij schilt, maar schil jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van schillen?

schilde (ik, jij, hij/zij/het) en schilden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van schillen?

geschild, met hebben: ik heb geschild.

Gebruik je schillen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geschild, hij heeft geschild.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.