Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Steunen

steunen = to support, to rely

Hele werkwoord
steunen
Verleden tijd
steunde · steunden
Voltooide tijd
heeft gesteund

Kort antwoord

Steunen is in het Engels to support, to rely. Verleden tijd: steunde (enkelvoud) en steunden (meervoud). Voltooid deelwoord: gesteund, met hebben: ik heb gesteund.

Oefen steunen

Tegenwoordige tijd

iksteun
jijsteunt
hij/zij/hetsteunt
wijsteunen
julliesteunen
zijsteunen

Verleden tijd

iksteunde
jijsteunde
hij/zij/hetsteunde
wijsteunden
julliesteunden
zijsteunden

Voltooide tijd

ikheb gesteund
jijhebt gesteund
hij/zij/hetheeft gesteund
wijhebben gesteund
julliehebben gesteund
zijhebben gesteund

Voltooid verleden tijd

ikhad gesteund
jijhad gesteund
hij/zij/hethad gesteund
wijhadden gesteund
julliehadden gesteund
zijhadden gesteund

Toekomende tijd

ikzal steunen
jijzult steunen
hij/zij/hetzal steunen
wijzullen steunen
julliezullen steunen
zijzullen steunen

Voorwaardelijke wijs

ikzou steunen
jijzou steunen
hij/zij/hetzou steunen
wijzouden steunen
julliezouden steunen
zijzouden steunen

Oefen steunen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

steunen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Mijn vrienden mij altijd.

  2. Verleden tijd

    De buren ons toen we het moeilijk hadden.

  3. Voltooide tijd

    Jullie hem echt goed na het ongeluk.

  4. Bijzin

    Ik ben dankbaar dat jij mij .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is steun. In steunen staat n voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (steunde, steunden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gesteund).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij steunt, maar steun jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van steunen?

steunde (ik, jij, hij/zij/het) en steunden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van steunen?

gesteund, met hebben: ik heb gesteund.

Gebruik je steunen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gesteund, hij heeft gesteund.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.