Niveau B1 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Uitsteken
uitsteken = to stick out
- Hele werkwoord
- uitsteken
- Verleden tijd
- stak uit · staken uit
- Voltooide tijd
- heeft uitgestoken
Kort antwoord
Uitsteken is in het Engels to stick out. Verleden tijd: stak uit (enkelvoud) en staken uit (meervoud). Voltooid deelwoord: uitgestoken, met hebben: ik heb uitgestoken.
Oefen uitstekenTegenwoordige tijd
| ik | steek uit |
| jij | steekt uit |
| hij/zij/het | steekt uit |
| wij | steken uit |
| jullie | steken uit |
| zij | steken uit |
Verleden tijd
| ik | stak uit |
| jij | stak uit |
| hij/zij/het | stak uit |
| wij | staken uit |
| jullie | staken uit |
| zij | staken uit |
Voltooide tijd
| ik | heb uitgestoken |
| jij | hebt uitgestoken |
| hij/zij/het | heeft uitgestoken |
| wij | hebben uitgestoken |
| jullie | hebben uitgestoken |
| zij | hebben uitgestoken |
Voltooid verleden tijd
| ik | had uitgestoken |
| jij | had uitgestoken |
| hij/zij/het | had uitgestoken |
| wij | hadden uitgestoken |
| jullie | hadden uitgestoken |
| zij | hadden uitgestoken |
Toekomende tijd
| ik | zal uitsteken |
| jij | zult uitsteken |
| hij/zij/het | zal uitsteken |
| wij | zullen uitsteken |
| jullie | zullen uitsteken |
| zij | zullen uitsteken |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou uitsteken |
| jij | zou uitsteken |
| hij/zij/het | zou uitsteken |
| wij | zouden uitsteken |
| jullie | zouden uitsteken |
| zij | zouden uitsteken |
Uitsteken is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik steek uit). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik uitsteek). Voltooid deelwoord: uitgestoken.
| Hoofdzin | ik steek uit |
| Vraag | steek jij uit? |
| Bijzin | … dat ik uitsteek |
| Met een modaal werkwoord | ik wil uitsteken |
| Voltooide tijd | ik heb uitgestoken |
| Met om ... te | om uit te steken |
| Gebiedende wijs | steek uit! |
Oefen uitsteken
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
uitsteken in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: uitsteken, stak uit, uitgestoken.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat uit naar het eind: ik steek uit. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik uitsteek, ... dat ik uitstak.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: uitgestoken.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van uitsteken?
stak uit (ik, jij, hij/zij/het) en staken uit (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van uitsteken?
uitgestoken, met hebben: ik heb uitgestoken.
Gebruik je uitsteken met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb uitgestoken, hij heeft uitgestoken.
Is uitsteken een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik steek uit), in een bijzin blijft het vast (dat ik uitsteek). Voltooid deelwoord: uitgestoken.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.