Level A2 · Irregular, separable
Uitdoen conjugation
uitdoen = to take off
- Infinitive
- uitdoen
- Past
- deed uit · deden uit
- Perfect
- heeft uitgedaan
Quick answer
Uitdoen means to take off. Past tense: deed uit (singular) and deden uit (plural). Past participle: uitgedaan, with hebben: ik heb uitgedaan.
Practise uitdoenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | doe uit |
| jij | doet uit |
| hij/zij/het | doet uit |
| wij | doen uit |
| jullie | doen uit |
| zij | doen uit |
Past (verleden tijd)
| ik | deed uit |
| jij | deed uit |
| hij/zij/het | deed uit |
| wij | deden uit |
| jullie | deden uit |
| zij | deden uit |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb uitgedaan |
| jij | hebt uitgedaan |
| hij/zij/het | heeft uitgedaan |
| wij | hebben uitgedaan |
| jullie | hebben uitgedaan |
| zij | hebben uitgedaan |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had uitgedaan |
| jij | had uitgedaan |
| hij/zij/het | had uitgedaan |
| wij | hadden uitgedaan |
| jullie | hadden uitgedaan |
| zij | hadden uitgedaan |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal uitdoen |
| jij | zult uitdoen |
| hij/zij/het | zal uitdoen |
| wij | zullen uitdoen |
| jullie | zullen uitdoen |
| zij | zullen uitdoen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou uitdoen |
| jij | zou uitdoen |
| hij/zij/het | zou uitdoen |
| wij | zouden uitdoen |
| jullie | zouden uitdoen |
| zij | zouden uitdoen |
Uitdoen is a separable verb
In a main clause uit goes to the end (ik doe uit). In a subordinate clause the two parts stay together (dat ik uitdoe). Participle: uitgedaan.
| Main clause | ik doe uit |
| Question | doe jij uit? |
| Subordinate clause | … dat ik uitdoe |
| With a modal verb | ik wil uitdoen |
| Perfect tense | ik heb uitgedaan |
| With om ... te | om uit te doen |
| Imperative | doe uit! |
Practise uitdoen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
Present
How this verb works
- Irregular verb: the past tense and participle do not follow the regular -te/-de pattern, so learn the three forms together: uitdoen, deed uit, uitgedaan.
- Separable verb. In a main clause the prefix uit goes to the end: ik doe uit. In a subordinate clause it stays attached: ... dat ik uitdoe, ... dat ik uitdeed.
- In the participle, ge goes between the two parts: uitgedaan.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of uitdoen?
deed uit (ik, jij, hij/zij/het) and deden uit (wij, jullie, zij).
What is the past participle of uitdoen?
uitgedaan, with hebben: ik heb uitgedaan.
Is uitdoen used with hebben or zijn?
With hebben: ik heb uitgedaan, hij heeft uitgedaan.
Is uitdoen a separable verb?
Yes. In a main clause uit goes to the end (ik doe uit), in a subordinate clause it stays attached (dat ik uitdoe). Participle: uitgedaan.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.