Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Uitstrekken

uitstrekken = to stretch out

Hele werkwoord
uitstrekken
Verleden tijd
strekte uit · strekten uit
Voltooide tijd
heeft uitgestrekt

Kort antwoord

Uitstrekken is in het Engels to stretch out. Verleden tijd: strekte uit (enkelvoud) en strekten uit (meervoud). Voltooid deelwoord: uitgestrekt, met hebben: ik heb uitgestrekt.

Oefen uitstrekken

Tegenwoordige tijd

ikstrek uit
jijstrekt uit
hij/zij/hetstrekt uit
wijstrekken uit
julliestrekken uit
zijstrekken uit

Verleden tijd

ikstrekte uit
jijstrekte uit
hij/zij/hetstrekte uit
wijstrekten uit
julliestrekten uit
zijstrekten uit

Voltooide tijd

ikheb uitgestrekt
jijhebt uitgestrekt
hij/zij/hetheeft uitgestrekt
wijhebben uitgestrekt
julliehebben uitgestrekt
zijhebben uitgestrekt

Voltooid verleden tijd

ikhad uitgestrekt
jijhad uitgestrekt
hij/zij/hethad uitgestrekt
wijhadden uitgestrekt
julliehadden uitgestrekt
zijhadden uitgestrekt

Toekomende tijd

ikzal uitstrekken
jijzult uitstrekken
hij/zij/hetzal uitstrekken
wijzullen uitstrekken
julliezullen uitstrekken
zijzullen uitstrekken

Voorwaardelijke wijs

ikzou uitstrekken
jijzou uitstrekken
hij/zij/hetzou uitstrekken
wijzouden uitstrekken
julliezouden uitstrekken
zijzouden uitstrekken

Uitstrekken is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik strek uit). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik uitstrek). Voltooid deelwoord: uitgestrekt.

Hoofdzinik strek uit
Vraagstrek jij uit?
Bijzin… dat ik uitstrek
Met een modaal werkwoordik wil uitstrekken
Voltooide tijdik heb uitgestrekt
Met om ... teom uit te strekken
Gebiedende wijsstrek uit!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen uitstrekken

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

uitstrekken in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik mijn armen na een lange dag.

  2. Verleden tijd

    De kat zich languit op de bank .

  3. Voltooide tijd

    Zij haar hand naar mij .

  4. Bijzin

    Hij lacht altijd als de hond zijn poten .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is strek. In strekken staat k voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (strekte, strekten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (uitgestrekt).
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat uit naar het eind: ik strek uit. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik uitstrek, ... dat ik uitstrekte.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: uitgestrekt.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van uitstrekken?

strekte uit (ik, jij, hij/zij/het) en strekten uit (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van uitstrekken?

uitgestrekt, met hebben: ik heb uitgestrekt.

Gebruik je uitstrekken met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb uitgestrekt, hij heeft uitgestrekt.

Is uitstrekken een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik strek uit), in een bijzin blijft het vast (dat ik uitstrek). Voltooid deelwoord: uitgestrekt.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.