Level C1 · Regular, not separable
Gewennen conjugation
gewennen = to get used
- Infinitive
- gewennen
- Past
- gewende · gewenden
- Perfect
- heeft / is gewend
Quick answer
Gewennen means to get used. Past tense: gewende (singular) and gewenden (plural). Past participle: gewend, with hebben / zijn: ik heb / ben gewend.
Practise gewennenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | gewen |
| jij | gewent |
| hij/zij/het | gewent |
| wij | gewennen |
| jullie | gewennen |
| zij | gewennen |
Past (verleden tijd)
| ik | gewende |
| jij | gewende |
| hij/zij/het | gewende |
| wij | gewenden |
| jullie | gewenden |
| zij | gewenden |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb / ben gewend |
| jij | hebt / bent gewend |
| hij/zij/het | heeft / is gewend |
| wij | hebben / zijn gewend |
| jullie | hebben / zijn gewend |
| zij | hebben / zijn gewend |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had / was gewend |
| jij | had / was gewend |
| hij/zij/het | had / was gewend |
| wij | hadden / waren gewend |
| jullie | hadden / waren gewend |
| zij | hadden / waren gewend |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal gewennen |
| jij | zult gewennen |
| hij/zij/het | zal gewennen |
| wij | zullen gewennen |
| jullie | zullen gewennen |
| zij | zullen gewennen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou gewennen |
| jij | zou gewennen |
| hij/zij/het | zou gewennen |
| wij | zouden gewennen |
| jullie | zouden gewennen |
| zij | zouden gewennen |
Gewennen is not separable
The prefix ge- stays attached to the verb in every sentence (ik gewen, dat ik gewen), and the participle gets no extra ge-: gewend.
| Main clause | ik gewen |
| Question | gewen jij? |
| Subordinate clause | … dat ik gewen |
| With a modal verb | ik wil gewennen |
| Perfect tense | ik heb / ben gewend |
| With om ... te | om te gewennen |
| Imperative | gewen! |
Practise gewennen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
Present
How this verb works
- Regular verb. The stem is gewen. The infinitive gewennen has n before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (gewende, gewenden) and the participle ends in -d (gewend).
- When jij comes after the verb, the -t drops: jij gewent, but gewen jij?
- Hebben or zijn: hebben for the activity itself, zijn when you say where to or what changed. Ik heb me snel aan het vroege opstaan gewend. Ik ben aan het nieuwe huis gewend.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of gewennen?
gewende (ik, jij, hij/zij/het) and gewenden (wij, jullie, zij).
What is the past participle of gewennen?
gewend, with hebben or zijn depending on the meaning: Ik heb me snel aan het vroege opstaan gewend. Ik ben aan het nieuwe huis gewend.
Is gewennen used with hebben or zijn?
Both, depending on the meaning: Ik heb me snel aan het vroege opstaan gewend. Ik ben aan het nieuwe huis gewend.
Is gewennen a separable verb?
No. The prefix ge- never splits off from gewennen (ik gewen, dat ik gewen), and the participle gets no extra ge-: gewend.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.