Niveau A2 · Regelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Vastmaken
vastmaken = to fasten
- Hele werkwoord
- vastmaken
- Verleden tijd
- maakte vast · maakten vast
- Voltooide tijd
- heeft vastgemaakt
Kort antwoord
Vastmaken is in het Engels to fasten. Verleden tijd: maakte vast (enkelvoud) en maakten vast (meervoud). Voltooid deelwoord: vastgemaakt, met hebben: ik heb vastgemaakt.
Oefen vastmakenTegenwoordige tijd
| ik | maak vast |
| jij | maakt vast |
| hij/zij/het | maakt vast |
| wij | maken vast |
| jullie | maken vast |
| zij | maken vast |
Verleden tijd
| ik | maakte vast |
| jij | maakte vast |
| hij/zij/het | maakte vast |
| wij | maakten vast |
| jullie | maakten vast |
| zij | maakten vast |
Voltooide tijd
| ik | heb vastgemaakt |
| jij | hebt vastgemaakt |
| hij/zij/het | heeft vastgemaakt |
| wij | hebben vastgemaakt |
| jullie | hebben vastgemaakt |
| zij | hebben vastgemaakt |
Voltooid verleden tijd
| ik | had vastgemaakt |
| jij | had vastgemaakt |
| hij/zij/het | had vastgemaakt |
| wij | hadden vastgemaakt |
| jullie | hadden vastgemaakt |
| zij | hadden vastgemaakt |
Toekomende tijd
| ik | zal vastmaken |
| jij | zult vastmaken |
| hij/zij/het | zal vastmaken |
| wij | zullen vastmaken |
| jullie | zullen vastmaken |
| zij | zullen vastmaken |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou vastmaken |
| jij | zou vastmaken |
| hij/zij/het | zou vastmaken |
| wij | zouden vastmaken |
| jullie | zouden vastmaken |
| zij | zouden vastmaken |
Vastmaken is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat vast naar het einde (ik maak vast). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik vastmaak). Voltooid deelwoord: vastgemaakt.
| Hoofdzin | ik maak vast |
| Vraag | maak jij vast? |
| Bijzin | … dat ik vastmaak |
| Met een modaal werkwoord | ik wil vastmaken |
| Voltooide tijd | ik heb vastgemaakt |
| Met om ... te | om vast te maken |
| Gebiedende wijs | maak vast! |
Oefen vastmaken
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
vastmaken in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is maak. In maken staat k voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (maakte, maakten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (vastgemaakt).
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat vast naar het eind: ik maak vast. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik vastmaak, ... dat ik vastmaakte.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: vastgemaakt.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van vastmaken?
maakte vast (ik, jij, hij/zij/het) en maakten vast (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van vastmaken?
vastgemaakt, met hebben: ik heb vastgemaakt.
Gebruik je vastmaken met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb vastgemaakt, hij heeft vastgemaakt.
Is vastmaken een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat vast naar het einde (ik maak vast), in een bijzin blijft het vast (dat ik vastmaak). Voltooid deelwoord: vastgemaakt.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.