Level B1 · Irregular, separable
Uitroepen conjugation
uitroepen = to cry out
- Infinitive
- uitroepen
- Past
- riep uit · riepen uit
- Perfect
- heeft uitgeroepen
Quick answer
Uitroepen means to cry out. Past tense: riep uit (singular) and riepen uit (plural). Past participle: uitgeroepen, with hebben: ik heb uitgeroepen.
Practise uitroepenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | roep uit |
| jij | roept uit |
| hij/zij/het | roept uit |
| wij | roepen uit |
| jullie | roepen uit |
| zij | roepen uit |
Past (verleden tijd)
| ik | riep uit |
| jij | riep uit |
| hij/zij/het | riep uit |
| wij | riepen uit |
| jullie | riepen uit |
| zij | riepen uit |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb uitgeroepen |
| jij | hebt uitgeroepen |
| hij/zij/het | heeft uitgeroepen |
| wij | hebben uitgeroepen |
| jullie | hebben uitgeroepen |
| zij | hebben uitgeroepen |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had uitgeroepen |
| jij | had uitgeroepen |
| hij/zij/het | had uitgeroepen |
| wij | hadden uitgeroepen |
| jullie | hadden uitgeroepen |
| zij | hadden uitgeroepen |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal uitroepen |
| jij | zult uitroepen |
| hij/zij/het | zal uitroepen |
| wij | zullen uitroepen |
| jullie | zullen uitroepen |
| zij | zullen uitroepen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou uitroepen |
| jij | zou uitroepen |
| hij/zij/het | zou uitroepen |
| wij | zouden uitroepen |
| jullie | zouden uitroepen |
| zij | zouden uitroepen |
Uitroepen is a separable verb
In a main clause uit goes to the end (ik roep uit). In a subordinate clause the two parts stay together (dat ik uitroep). Participle: uitgeroepen.
| Main clause | ik roep uit |
| Question | roep jij uit? |
| Subordinate clause | … dat ik uitroep |
| With a modal verb | ik wil uitroepen |
| Perfect tense | ik heb uitgeroepen |
| With om ... te | om uit te roepen |
| Imperative | roep uit! |
Practise uitroepen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
Present
How this verb works
- Irregular verb: the past tense and participle do not follow the regular -te/-de pattern, so learn the three forms together: uitroepen, riep uit, uitgeroepen.
- Separable verb. In a main clause the prefix uit goes to the end: ik roep uit. In a subordinate clause it stays attached: ... dat ik uitroep, ... dat ik uitriep.
- In the participle, ge goes between the two parts: uitgeroepen.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of uitroepen?
riep uit (ik, jij, hij/zij/het) and riepen uit (wij, jullie, zij).
What is the past participle of uitroepen?
uitgeroepen, with hebben: ik heb uitgeroepen.
Is uitroepen used with hebben or zijn?
With hebben: ik heb uitgeroepen, hij heeft uitgeroepen.
Is uitroepen a separable verb?
Yes. In a main clause uit goes to the end (ik roep uit), in a subordinate clause it stays attached (dat ik uitroep). Participle: uitgeroepen.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.