Level A1 · Regular
Vertellen conjugation
vertellen = to tell, narrate
- Infinitive
- vertellen
- Past
- vertelde · vertelden
- Perfect
- heeft verteld
Quick answer
Vertellen means to tell, narrate. Past tense: vertelde (singular) and vertelden (plural). Past participle: verteld, with hebben: ik heb verteld.
Practise vertellenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | vertel |
| jij | vertelt |
| hij/zij/het | vertelt |
| wij | vertellen |
| jullie | vertellen |
| zij | vertellen |
Past (verleden tijd)
| ik | vertelde |
| jij | vertelde |
| hij/zij/het | vertelde |
| wij | vertelden |
| jullie | vertelden |
| zij | vertelden |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb verteld |
| jij | hebt verteld |
| hij/zij/het | heeft verteld |
| wij | hebben verteld |
| jullie | hebben verteld |
| zij | hebben verteld |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had verteld |
| jij | had verteld |
| hij/zij/het | had verteld |
| wij | hadden verteld |
| jullie | hadden verteld |
| zij | hadden verteld |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal vertellen |
| jij | zult vertellen |
| hij/zij/het | zal vertellen |
| wij | zullen vertellen |
| jullie | zullen vertellen |
| zij | zullen vertellen |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou vertellen |
| jij | zou vertellen |
| hij/zij/het | zou vertellen |
| wij | zouden vertellen |
| jullie | zouden vertellen |
| zij | zouden vertellen |
Practise vertellen
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
1 of 60 ✓
Present
How this verb works
- Regular verb. The stem is vertel. The infinitive vertellen has l before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (vertelde, vertelden) and the participle ends in -d (verteld).
- Verbs that start with be-, ge-, her-, ont-, ver- or er- get no extra ge- in the participle: verteld.
- When jij comes after the verb, the -t drops: jij vertelt, but vertel jij?
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of vertellen?
vertelde (ik, jij, hij/zij/het) and vertelden (wij, jullie, zij).
What is the past participle of vertellen?
verteld, with hebben: ik heb verteld.
Is vertellen used with hebben or zijn?
With hebben: ik heb verteld, hij heeft verteld.
More verbs
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.