Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel A2 · Irregular, no separable

Conjugación de Bewegen

bewegen = moverse

Infinitivo
bewegen
Pasado
bewoog · bewogen
Perfecto
heeft bewogen

Respuesta rápida

Bewegen significa moverse. Pasado: bewoog (singular) y bewogen (plural). Participio: bewogen, con hebben: ik heb bewogen.

Practica bewegen

Presente (tegenwoordige tijd)

ikbeweeg
jijbeweegt
hij/zij/hetbeweegt
wijbewegen
julliebewegen
zijbewegen

Pasado (verleden tijd)

ikbewoog
jijbewoog
hij/zij/hetbewoog
wijbewogen
julliebewogen
zijbewogen

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb bewogen
jijhebt bewogen
hij/zij/hetheeft bewogen
wijhebben bewogen
julliehebben bewogen
zijhebben bewogen

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad bewogen
jijhad bewogen
hij/zij/hethad bewogen
wijhadden bewogen
julliehadden bewogen
zijhadden bewogen

Futuro (toekomende tijd)

ikzal bewegen
jijzult bewegen
hij/zij/hetzal bewegen
wijzullen bewegen
julliezullen bewegen
zijzullen bewegen

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou bewegen
jijzou bewegen
hij/zij/hetzou bewegen
wijzouden bewegen
julliezouden bewegen
zijzouden bewegen

Bewegen no es separable

El prefijo be- permanece unido al verbo en todas las oraciones (ik beweeg, dat ik beweeg), y el participio no lleva ge- adicional: bewogen.

Oración principalik beweeg
Preguntabeweeg jij?
Oración subordinada… dat ik beweeg
Con un verbo modalik wil bewegen
Pretérito perfectoik heb bewogen
Con om ... teom te bewegen
Imperativobeweeg!

Verbos separables: reglas y comprobador

Practica bewegen

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

bewegen en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    De dokter zegt: jij te weinig.

  2. Pasado

    De wind de takken van de grote boom.

  3. Pretérito perfecto

    Ik vandaag nog niet , dus ik ga nu wandelen.

  4. Oración subordinada

    Hij voelt zich beter, omdat hij elke dag veel .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo irregular: el pasado y el participio no siguen el patrón regular con -te/-de, así que aprende las tres formas juntas: bewegen, bewoog, bewogen.
  • Los verbos que empiezan por be-, ge-, her-, ont-, ver- o er- no llevan un ge- extra en el participio: bewogen.
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij beweegt, pero beweeg jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de bewegen?

bewoog (ik, jij, hij/zij/het) y bewogen (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de bewegen?

bewogen, con hebben: ik heb bewogen.

¿El verbo bewegen va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb bewogen, hij heeft bewogen.

¿Es bewegen un verbo separable?

No. El prefijo be- nunca se separa de bewegen (ik beweeg, dat ik beweeg), y el participio no lleva ge- adicional: bewogen.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.