Niveau A2 · Onregelmatig, niet scheidbaar
Vervoeging van Bewegen
bewegen = to move
- Hele werkwoord
- bewegen
- Verleden tijd
- bewoog · bewogen
- Voltooide tijd
- heeft bewogen
Kort antwoord
Bewegen is in het Engels to move. Verleden tijd: bewoog (enkelvoud) en bewogen (meervoud). Voltooid deelwoord: bewogen, met hebben: ik heb bewogen.
Oefen bewegenTegenwoordige tijd
| ik | beweeg |
| jij | beweegt |
| hij/zij/het | beweegt |
| wij | bewegen |
| jullie | bewegen |
| zij | bewegen |
Verleden tijd
| ik | bewoog |
| jij | bewoog |
| hij/zij/het | bewoog |
| wij | bewogen |
| jullie | bewogen |
| zij | bewogen |
Voltooide tijd
| ik | heb bewogen |
| jij | hebt bewogen |
| hij/zij/het | heeft bewogen |
| wij | hebben bewogen |
| jullie | hebben bewogen |
| zij | hebben bewogen |
Voltooid verleden tijd
| ik | had bewogen |
| jij | had bewogen |
| hij/zij/het | had bewogen |
| wij | hadden bewogen |
| jullie | hadden bewogen |
| zij | hadden bewogen |
Toekomende tijd
| ik | zal bewegen |
| jij | zult bewegen |
| hij/zij/het | zal bewegen |
| wij | zullen bewegen |
| jullie | zullen bewegen |
| zij | zullen bewegen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou bewegen |
| jij | zou bewegen |
| hij/zij/het | zou bewegen |
| wij | zouden bewegen |
| jullie | zouden bewegen |
| zij | zouden bewegen |
Bewegen is niet scheidbaar
Het voorvoegsel be- blijft in elke zin aan het werkwoord vast (ik beweeg, dat ik beweeg), en het voltooid deelwoord krijgt geen extra ge-: bewogen.
| Hoofdzin | ik beweeg |
| Vraag | beweeg jij? |
| Bijzin | … dat ik beweeg |
| Met een modaal werkwoord | ik wil bewegen |
| Voltooide tijd | ik heb bewogen |
| Met om ... te | om te bewegen |
| Gebiedende wijs | beweeg! |
Oefen bewegen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
bewegen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: bewegen, bewoog, bewogen.
- Werkwoorden die beginnen met be-, ge-, her-, ont-, ver- of er- krijgen geen extra ge- in het voltooid deelwoord: bewogen.
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij beweegt, maar beweeg jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van bewegen?
bewoog (ik, jij, hij/zij/het) en bewogen (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van bewegen?
bewogen, met hebben: ik heb bewogen.
Gebruik je bewegen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb bewogen, hij heeft bewogen.
Is bewegen een scheidbaar werkwoord?
Nee. Het voorvoegsel be- gaat bij bewegen nooit los (ik beweeg, dat ik beweeg), en het voltooid deelwoord krijgt geen extra ge-: bewogen.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.