Niveau B1 · Regelmatig
Vervoeging van Staren
staren = to stare
- Hele werkwoord
- staren
- Verleden tijd
- staarde · staarden
- Voltooide tijd
- heeft gestaard
Kort antwoord
Staren is in het Engels to stare. Verleden tijd: staarde (enkelvoud) en staarden (meervoud). Voltooid deelwoord: gestaard, met hebben: ik heb gestaard.
Oefen starenTegenwoordige tijd
| ik | staar |
| jij | staart |
| hij/zij/het | staart |
| wij | staren |
| jullie | staren |
| zij | staren |
Verleden tijd
| ik | staarde |
| jij | staarde |
| hij/zij/het | staarde |
| wij | staarden |
| jullie | staarden |
| zij | staarden |
Voltooide tijd
| ik | heb gestaard |
| jij | hebt gestaard |
| hij/zij/het | heeft gestaard |
| wij | hebben gestaard |
| jullie | hebben gestaard |
| zij | hebben gestaard |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gestaard |
| jij | had gestaard |
| hij/zij/het | had gestaard |
| wij | hadden gestaard |
| jullie | hadden gestaard |
| zij | hadden gestaard |
Toekomende tijd
| ik | zal staren |
| jij | zult staren |
| hij/zij/het | zal staren |
| wij | zullen staren |
| jullie | zullen staren |
| zij | zullen staren |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou staren |
| jij | zou staren |
| hij/zij/het | zou staren |
| wij | zouden staren |
| jullie | zouden staren |
| zij | zouden staren |
Oefen staren
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
staren in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is staar. In staren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (staarde, staarden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gestaard).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij staart, maar staar jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van staren?
staarde (ik, jij, hij/zij/het) en staarden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van staren?
gestaard, met hebben: ik heb gestaard.
Gebruik je staren met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gestaard, hij heeft gestaard.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.