Niveau B2 · Onregelmatig, niet scheidbaar
Vervoeging van Verlopen
verlopen = to pass, expire
- Hele werkwoord
- verlopen
- Verleden tijd
- verliep · verliepen
- Voltooide tijd
- is verlopen
Kort antwoord
Verlopen is in het Engels to pass, expire. Verleden tijd: verliep (enkelvoud) en verliepen (meervoud). Voltooid deelwoord: verlopen, met zijn: ik ben verlopen.
Oefen verlopenTegenwoordige tijd
| ik | verloop |
| jij | verloopt |
| hij/zij/het | verloopt |
| wij | verlopen |
| jullie | verlopen |
| zij | verlopen |
Verleden tijd
| ik | verliep |
| jij | verliep |
| hij/zij/het | verliep |
| wij | verliepen |
| jullie | verliepen |
| zij | verliepen |
Voltooide tijd
| ik | ben verlopen |
| jij | bent verlopen |
| hij/zij/het | is verlopen |
| wij | zijn verlopen |
| jullie | zijn verlopen |
| zij | zijn verlopen |
Voltooid verleden tijd
| ik | was verlopen |
| jij | was verlopen |
| hij/zij/het | was verlopen |
| wij | waren verlopen |
| jullie | waren verlopen |
| zij | waren verlopen |
Toekomende tijd
| ik | zal verlopen |
| jij | zult verlopen |
| hij/zij/het | zal verlopen |
| wij | zullen verlopen |
| jullie | zullen verlopen |
| zij | zullen verlopen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou verlopen |
| jij | zou verlopen |
| hij/zij/het | zou verlopen |
| wij | zouden verlopen |
| jullie | zouden verlopen |
| zij | zouden verlopen |
Verlopen is niet scheidbaar
Het voorvoegsel ver- blijft in elke zin aan het werkwoord vast (ik verloop, dat ik verloop), en het voltooid deelwoord krijgt geen extra ge-: verlopen.
| Hoofdzin | ik verloop |
| Vraag | verloop jij? |
| Bijzin | … dat ik verloop |
| Met een modaal werkwoord | ik wil verlopen |
| Voltooide tijd | ik ben verlopen |
| Met om ... te | om te verlopen |
| Gebiedende wijs | verloop! |
Oefen verlopen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
verlopen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: verlopen, verliep, verlopen.
- Werkwoorden die beginnen met be-, ge-, her-, ont-, ver- of er- krijgen geen extra ge- in het voltooid deelwoord: verlopen.
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij verloopt, maar verloop jij?
- Voltooide tijd met zijn: ik ben verlopen, niet ik heb verlopen.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van verlopen?
verliep (ik, jij, hij/zij/het) en verliepen (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van verlopen?
verlopen, met zijn: ik ben verlopen.
Gebruik je verlopen met hebben of zijn?
Met zijn: ik ben verlopen, hij is verlopen.
Is verlopen een scheidbaar werkwoord?
Nee. Het voorvoegsel ver- gaat bij verlopen nooit los (ik verloop, dat ik verloop), en het voltooid deelwoord krijgt geen extra ge-: verlopen.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.