Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level B1 · Regular, not separable

Vertrouwen conjugation

vertrouwen = to trust

Infinitive
vertrouwen
Past
vertrouwde · vertrouwden
Perfect
heeft vertrouwd

Quick answer

Vertrouwen means to trust. Past tense: vertrouwde (singular) and vertrouwden (plural). Past participle: vertrouwd, with hebben: ik heb vertrouwd.

Practise vertrouwen

Present (tegenwoordige tijd)

ikvertrouw
jijvertrouwt
hij/zij/hetvertrouwt
wijvertrouwen
jullievertrouwen
zijvertrouwen

Past (verleden tijd)

ikvertrouwde
jijvertrouwde
hij/zij/hetvertrouwde
wijvertrouwden
jullievertrouwden
zijvertrouwden

Perfect (voltooide tijd)

ikheb vertrouwd
jijhebt vertrouwd
hij/zij/hetheeft vertrouwd
wijhebben vertrouwd
julliehebben vertrouwd
zijhebben vertrouwd

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikhad vertrouwd
jijhad vertrouwd
hij/zij/hethad vertrouwd
wijhadden vertrouwd
julliehadden vertrouwd
zijhadden vertrouwd

Future (toekomende tijd)

ikzal vertrouwen
jijzult vertrouwen
hij/zij/hetzal vertrouwen
wijzullen vertrouwen
julliezullen vertrouwen
zijzullen vertrouwen

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou vertrouwen
jijzou vertrouwen
hij/zij/hetzou vertrouwen
wijzouden vertrouwen
julliezouden vertrouwen
zijzouden vertrouwen

Vertrouwen is not separable

The prefix ver- stays attached to the verb in every sentence (ik vertrouw, dat ik vertrouw), and the participle gets no extra ge-: vertrouwd.

Main clauseik vertrouw
Questionvertrouw jij?
Subordinate clause… dat ik vertrouw
With a modal verbik wil vertrouwen
Perfect tenseik heb vertrouwd
With om ... teom te vertrouwen
Imperativevertrouw!

Separable verbs: rules and checker

Practise vertrouwen

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Regular verb. The stem is vertrouw. The infinitive vertrouwen has w before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (vertrouwde, vertrouwden) and the participle ends in -d (vertrouwd).
  • Verbs that start with be-, ge-, her-, ont-, ver- or er- get no extra ge- in the participle: vertrouwd.
  • When jij comes after the verb, the -t drops: jij vertrouwt, but vertrouw jij?

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of vertrouwen?

vertrouwde (ik, jij, hij/zij/het) and vertrouwden (wij, jullie, zij).

What is the past participle of vertrouwen?

vertrouwd, with hebben: ik heb vertrouwd.

Is vertrouwen used with hebben or zijn?

With hebben: ik heb vertrouwd, hij heeft vertrouwd.

Is vertrouwen a separable verb?

No. The prefix ver- never splits off from vertrouwen (ik vertrouw, dat ik vertrouw), and the participle gets no extra ge-: vertrouwd.

More verbs

All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.